Column Rob van Vuure: Marjolein Bastin

Column Rob van Vuure: Marjolein Bastin

Ik ken iemand die al 46 jaar elke morgen stipt om zes uur opstaat, en aan het werk gaat. Ik ken een Nederlandse vrouw die in Australië een keer ’the sister of Rembrandt’ werd genoemd. Ik ken een kunstenares die over de hele wereld honderdduizenden kalenders en ansichtkaarten verkoopt. Ik ken iemand die dan weer hier op de Veluwe, dan weer in Washington, dan weer een tijdje op de Kaaimaneilanden woont. Ik ken iemand die deze week 75 jaar werd en van wie afgelopen vrijdag in het Noord-Veluws Museum de expositie ’Tekenen is ademen’ werd geopend.

Zes uur op, ’Sister of..’, Kaaimaneilanden, natuurillustraties, 75 jaar, dan kom je uit bij Marjolein Bastin. Ik ken niemand die al zo lang, zo prachtig, zo aanrakerig natuurillustraties maakt, vooral in Libelle. Ik ken niemand die wereldwijd zo succesvol is en toch zo onbekend is gebleven. Ze zit nooit bij ’DWDD’, ze doet niet mee aan ’Wie is de mol’. Ze houdt daar niet van, ze ’ademt’ liever. Ik werkte jarenlang met haar samen dus vroeg ze mij iets te zeggen, afgelopen vrijdag bij de opening van haar nieuwe tentoonstelling.

Marjolein kan veel, maar haar geluk is ook dat het roodborstje uit Leiderdorp er net zo uitziet als het roodborstje uit Melbourne of Mongolië. Hier thuis op de Veluwe een Hollandse Libellepagina ademen, teksten vertalen en ook elke Litouwer of Japanner kan straks meegenieten. Genieten van haar nestelende vogels en haar kleurrijke vlinders. De penseel van Marjolein maakt zelfs kikkers aaibaar. Je voelt dat haar lieveheersbeestjesstijl oprecht is, anders hou je het niet zo lang vol, elke dag vanaf het krieken.

Je gaat nooit onverwacht bij Marjolein langs, zelfs telefoongesprekken worden gepland. ’Niet storen halverwege het pimpelmeesje’. Een keer was ik wél zo gek, ik was in de buurt en dacht: ik doe het. Ik belde aan. Haar man zei: ’Ze is er wel, maar ergens in de tuin’. Eindelijk vond ik haar, ver weg, tussen de bosschages, met een gewond egeltje in haar hand. Vintage Bastin, had een filmscript-passage kunnen zijn.

Af en toe is ze bij mij thuis. We hebben een mooie tuin, maar er gebeurt nooit iets bijzonders. O nee? Marjolein stond een keer voor het raam en zei: ’Rob, je hebt een staartmees in je tuin. Die zijn behoorlijk zeldzaam’. Nooit opgevallen. Ze liep naar buiten en zei: ’Rob, ik hoor de Grote Specht, waar nestelt ie?’.

Afgelopen vrijdag kwamen al haar talenten en karaktertrekken langs. Maar het werd niet laat gemaakt, want ze moest zaterdag weer om zes uur op, nog iets doen aan de kerstkaarten voor de Amerikaanse markt. Terwijl ik dit schrijf, kijk ik naar mijn tuin. Bomen op weg naar bruin, herfstige bramenstruiken, hier en daar een spin. Niks bijzonders. Tja, dat had je gedacht, beste jongen. Niks bijzonders, totdat Marjolein Bastin voor je raam gaat staan.

Wil je niks missen van Haarlems Dagblad? Like ons dan op Facebook!

Het laatste nieuws