Column Hé Scheids: Doorgaan, of niet?

Column Hé Scheids: Doorgaan, of niet?

Steeds sneller, steeds makkelijker ook, is de scheidsrechter Kop van Jut. Beschimpt, belaagd en betast. Wie respecteert de scheidsrechter nog?

En hoe leuk is het dan om er een te zijn - of te worden? Redacteur Robbert Minkhorst neemt de proef op de som.

Als mijn begeleider Rob en ik in de rust naar de commissiekamer lopen, vraagt hij ineens: Hoe zou je het vinden als je opgaat voor de A-cursus?

Hoewel ik die vraag ook al aan mezelf had gesteld, overvalt Rob me toch. Dan moet ik eerst ook nog maar mogen, werp ik tegen, waarmee ik meteen tijd win voor een echt antwoord.

Er spookt van alles door mijn hoofd. Impliceert de vraag nu dat hij me dus ook geschikt acht voor de vervolgcursus? Wil hij dat ik door ga? Ik hengel naar een antwoord, maar krijg het niet. Uit zijn houding leid ik af dat hij het wel ziet zitten. Maar dat is een heel voorzichtige (en voorbarige) conclusie.

Wil ik wel doorgaan?

Grote brokken heb ik tot nog toe niet gemaakt en mijn beoordelingen waren goed. Oké, ik heb soms dat zigzaggen dus, over het veld. Verre van de ideale lijn. Bij dode spelmomenten ren ik regelmatig nog gauw naar een andere plek, onzeker (waar moest het ook alweer?) over mijn keuze. En hoezeer ik me ook fixeer op handtastelijkheden in duels om de bal, Rob vindt niet dat ik genoeg zie. Of vaak genoeg optreed. Mijn voorgeprogrammeerd verweer (ja maar) heb ik een paar keer moeten inslikken.

Ik fluit de B2 van Meerburg tegen die van Foreholte en dat kan niet zonder reden zijn geweest, concludeer ik achteraf. Het elftal voetbalt in de tweede klasse. Dat is het hoogste niveau waarop je als B-scheidsrechter een wedstrijd mag leiden.

Deze wedstrijd is ook de laatste van de vier die ik - met ten minste een voldoende als beoordeling - moet hebben gedaan om mijn B-diploma te halen. Het is aanpoten vandaag. Deze jongens zijn duidelijk sneller, uitgekookter, fanatieker en vooral ook mondiger dan ik gewend was. Even, een minuut of tien in de tweede helft, krijg ik het gevoel dat de wedstrijd me door de handen glipt. Blijf doen wat je moet doen, prent ik me in.

Verraderlijk is een valpartij van een speler van Foreholte in het strafschopgebied, vooral omdat het amper een minuut later wéér gebeurt. De eerste keer wuif ik het resoluut weg. Bij de tweede keer bonkt mijn hart in mijn keel. Ik zie het toch goed, hè? Dat is toch overduidelijk een duw? Ik probeer de beelden in mijn hoofd terug te halen.

Penalty. Ik fluit. Vanuit mijn ooghoek zie ik de trainer van Meerburg tieren aan de zijlijn. Ik hoor niets. ,,Sorry’’, komt hij zich later verontschuldigen. ,,Ik werd een beetje emotioneel.’’ Vanuit het niets was Foreholte teruggekomen in de wedstrijd. Die strafschop betekende de 3-3.

Vanavond is de diploma-uitreiking. Het huiswerk is af. Ik vind scheidsrechteren hartstikke leuk, blijkt. Het is ook een confrontatie met mijn betweterige zelf, maar die uitdaging ga ik graag aan. KNVB-docent Wim van Horssen geeft iedereen, als die is geslaagd, ook een advies voor onze vervolgcarrière. Dat kan zijn: blijf vooral verenigingsscheidsrechter. Maar ook: ga door. Of: ga door, maar doe eerst nog een seizoen ervaring op. Ik vind alvast: wie B zegt, moet ook A durven zeggen.

Reageren?

r.minkhorst@hollandmediacombinatie.nl

Twitter: @LD_mink

#ikwordscheidsrechter

Wil je niks missen van Haarlems Dagblad? Like ons dan op Facebook!

Het laatste nieuws