Keetje Hodshon blijft een raadsel ondanks solide historisch speurwerk

Keetje Hodshon blijft een raadsel ondanks solide historisch speurwerk
Keetje Hodshon geportretteerd door Charles Howard Hodges, ongedateerd. ’Aan het uiterlijk heeft het vermoedelijk niet gelegen; ze zag er leuk uit’.
Ze was schathemeltjerijk, bewoonde een huis aan het Spaarne van paleisachtige omvang en heette Keetje Hodshon. Maar wat weten we over haar? Teleurstellend weinig. Zelfs nu historica Els Kloek solide onderzoek heeft gedaan naar de 18de-eeuwse Haarlemse, blijven Keetjes rondwandelingen op aarde omgeven met heel veel vraagtekens.

Historica Els Kloek deed voor haar boek over Keetje Hodshon minutieus archiefonderzoek, daarbij geholpen door collega-historicus Maarten Hell, volgens haar een ’echte archiefrat’. ,,Als die niks vinden kan, dan ís er ook niks. Al blijf ik natuurlijk stiekem hopen dat er na de publicatie van ons boek toch opeens wat boven water komt.’’

Nou is historica en oud-universitair docent Kloek (Leiden, 1952) zelf ook niet de eerste de beste. Sinds enige jaren werkt ze aan het Digitaal Vrouwenlexicon, een overzicht op internet van de opmerkelijkste vrouwen uit de Nederlandse geschiedenis. Het lexicon maakt duidelijk dat de rol van vrouwen in het verleden weliswaar vaak over het hoofd is gezien, maar daardoor niet ook onderschat mag worden.

Kloeks eigenzinnige aanpak van geschiedkundig onderzoek is niet zonder resultaat gebleven. Zo heeft ze - bijvoorbeeld - Kenau Simonsdochter Hasselaer verlost van het onterechte imago van gestoorde ruziezoekster en haar op basis van documenten beschreven als wie ze werkelijk was: een verzetsheldin uit de Tachtigjarige Oorlog.

Uitgerekend vrouwenhistorica Kloek heeft dus haar tanden stukgebeten op Keetje. Zag ze de teleurstellende uitkomst niet aankomen? Waarom begon ze überhaupt aan dat onderzoek?

Opdracht

Het ging om een opdracht, legt Kloek uit: ,,Het leek de Koninklijke Nederlandse Maatschappij der Wetenschappen, die is gevestigd in het vroegere woonhuis van Hodshon, leuk om haar eens nader te laten onderzoeken. Nou interesseerde ze me voor die tijd ook al, hoor. Ze staat in het vrouwenlexicon genoemd als een steenrijke vrouw die een enorm huis liet bouwen en haar hele leven ongetrouwd bleef. De vraag wat haar heeft bezield, hield me al bezig. Maar zonder dat specifieke verzoek was ik er niet aan begonnen.’’

Keetje leefde niet bepaald een geïsoleerd bestaan. ,,Ze kende iedereen die er in die dagen toe deed. Stadsbestuurders, patriotten, diplomaten. Des te raadselachtiger is het dat we bijna niks over haar hebben kunnen vinden. Geen brieven, niks.’’

Smak geld

Vast staat in elk geval dat Keetje buitengewoon goed bij kas zat. Eerst erfde ze van haar rentenierende doopsgezinde ouders een gigantisch vermogen, later kreeg ze uit de nalatenschap van een gefortuneerde tante opnieuw een smak geld. De vraag waarom ze nooit trouwde, kan misschien worden verklaard uit die rijkdom, denkt Kloek.

,,In brieven uit de tijd wordt over haar wel geroddeld. Iedereen dong naar haar hand, maar ze zou hebben gedacht dat het die aanbidders om haar geld te doen was. Op zich is het niet zo vreemd dat die aanbidders daar oog voor hadden, want vermogen en bezit speelden bij alle huwelijkssluitingen nu eenmaal een rol. Maar ach, misschien wilde ze wel gewoon niet. Aan het uiterlijk heeft het vermoedelijk niet gelegen; ze zag er hartstikke leuk uit, tenminste, dat valt af te leiden uit een portret dat we van haar hebben. ’’

Keetje leefde in een woelige tijd. Uit haar uitgavenpatroon heeft Kloek kunnen opmaken dat ze de patriotse zaak - dus vóór democratisering en tegen het absolutisme van de stadhouders - was toegedaan.

Kanonnen

,,Ze leefde in revolutietijd. Als 18-jarige financierde ze al kanonnen voor de patriotten en toen de Fransen kwamen en er aan de burgers werd gevraagd vrijwillige bijdragen te leveren, kwam ze ook met veel geld over de brug. Als het later tot een militaire confrontatie komt met de Britten, betaalt ze een oorlogsschip.’’

Keetje zette haar geld dus in voor het algemeen belang. Maar niet alleen dat. ,,In 1793, toen ze halverwege de twintig was, gaf ze aan de grootste architect van dat moment, Abraham van der Hart, opdracht om dat idioot grote huis aan het Spaarne te laten bouwen, tegenover het latere Teylers Museum. Het is maar de vraag of ze toen nog het idee had om ooit te trouwen. Bij de zeden en gewoonten van die tijd hoorde het niet dat een man intrekt bij zijn echtgenote. De man bouwde het nest, zo te zeggen.’’

Vastgoed

,,Het zou kunnen dat ze dat huis met een bepaalde opzet heeft laten bouwen. Dat zit zo. Haar ouders hadden testamentair bepaald dat het vermogen zou worden verdeeld over Keetje en haar broers, met de bepaling dat de jongens het vastgoed zouden krijgen, omdat dat in de familie moest blijven. Misschien heeft Keetje gedacht, ik zal jullie eens wat laten zien.’’

,,Maar dan nóg. Waarom bouw je zo’n enorm huis voor jezelf, een pand met wel bijna vijftig vertrekken? Ik moet er werkelijk niet aan denken, ik zou me er verloren in hebben gevoeld. Wat wilde ze met dat huis, compleet met grote ontvangstruimtes? ’’

,,Misschien dat ze als patriotse, veranderingsgezinde jonge vrouw de illusie had dat ze er salon kon houden, dus dat ze er een cultureel centrum van kon maken, compleet met debatten en voorstellingen. Maar dat lijkt toch allemaal niet gebeurd te zijn. Als ze ontvangsten, soirees en concerten had georganiseerd, dan hadden we dat toch in de correspondentie van tijdgenoten moeten terugvinden. Maar niemand heeft het over zulke bijeenkomsten bij mejuffrouw Hodshon. Ik heb het idee dat haar aspiraties niet helemaal zijn uitgekomen.’’

Ook het geloof van Keetje leverde Kloek weinig aanknopingspunten op. ,,Ik heb weinig doopsgezinds aan haar kunnen ontdekken, behalve dan dat ze belijdenis heeft gedaan op haar achttiende. Ook was ze regentes van het doopsgezinde Wijnbergshofje aan de Barrevoetenstraat.’’

,,Kortom, we weten nog steeds ontzettend weinig over haar. Er is een boedelinventaris overleverd waarin alles staat wat ze bezat, compleet met een opsomming van de boeken in haar bibliotheek. Dat laatste is natuurlijk een heel rechtstreekse bron, al weet je nooit wat er uit die boedel al was verdwenen toen de inventaris werd beschreven. Brieven zijn er niet. Tja, wat gebeurt er met je brieven als je geen kinderen hebt? Die worden al gauw weggegooid.’’

,,Het kan natuurlijk wel zo zijn, dat de brieven die ze heeft verstuurd, nog ergens in familiearchieven zitten. Dus ik houd de stille hoop dat er nog eens wat opduikt, waarmee we een indruk krijgen van wat haar nou heeft bezield.’’

,,Ook al weet ik weinig van haar, gaande het onderzoek ben ik toch een beetje van haar gaan houden. Ik heb me een bepaald beeld van haar gevormd. Ze verwachtte vermoedelijk van alles wat niet is uitgekomen. De indruk dat ze autonoom en eigenzinnig moet zijn geweest omdat ze de gebaande paden niet is opgegaan, heb ik nog steeds. Maar schriftelijk materiaal waarmee ik die indruk kan staven, is er amper.’’

Els Kloek, Keetje Hodshon (1768-1829) - een eigenzinnige dame in revolutietijd, 160 pagina’s, rijk geïllustreerd.

Wil je niks missen van Haarlems Dagblad? Like ons dan op Facebook!

Het laatste nieuws