Premium

De vader van Joyce van der Meijden lijkt wel een voorganger in de leer van de acceptatie | Column

We schuifelen door de lange ziekenhuisgang. Mijn vader en ik. Na jarenlange zorg voor zijn geliefde, mijn moeder, was er ruimte om in de spiegel te kijken. En om te voelen. Niet alleen de emoties. Maar ook fysiek. Zijn lijf deed niet meer wat het vroeger deed. Althans niet zo soepel. Dat was even schrikken voor hem. Ik was blij dat hij actie wilde ondernemen. Ik houd wel van actie. Van oplossingen ook. Maar soms zijn die er niet.

Nu zitten we in de wachtkamer. Er wordt straks een MRI-scan gemaakt. Een paar weken geleden waren we hier ook. Toen nog zonder mondkap. Wat waren we opgelucht dat de neuroloog weer tijd had. We ontspanden wat toen bleek dat er medicijnen zijn die Parkinson kunnen verminderen en nu we weten dat ze helpen zijn we dankbaar. Ik zeg we. Maar natuurlijk gaat het over hem. Ik ben de dochter die hem het liefst in een glazen coronaproof doosje zou willen stoppen. Datzelfde gevoel heeft hij jarenlang gehad. Op het niveau ’wie is die puistenkop op die opgevoerde brommer’. Een gevoel dat ik steeds beter begin te begrijpen. Onze kinderen hangen momenteel boven hun broodbak in de kantine, schouder aan schouder met soortgenoten, met mondkap in hun haar of onder hun kin.

Meer nieuws uit Opinie-Column

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.