Hoe komt het Noord-Hollandse landschap eruit te zien? Dat wordt donderdagavond bepaald door de Provinciale Staten

’Veel Noord-Hollanders zijn niet dol op een appartement maar willen ook een tuin’, aldus Jan Overtoom van Bouwend Nederland.
© John Oud
Haarlem

De Omgevingsverordening die donderdagavond op de agenda van de vergadering van Provinciale Staten prijkt, gaat bepalen hoe het Noord-Hollandse landschap er uit komt te zien. Waar komen de woonwijken? Blijven kleine kernen leefbaar als er nog maar beperkt nieuwe woningen komen? Hebben woningzoekenden eigenlijk nog wel een kans op een betaalbaar huur- of koophuis? En wat blijft er over voor de natuur?

Twee belanghebbenden reageren op de plannen. Willem Hellevoort (Natuurmonumenten) maakt de provincie een compliment omdat natuur zoveel ruimte krijgt, Jan Overtoom (Bouwend Nederland) maakt zich zorgen: zo is er nooit genoeg plek voor iedereen om te wonen.

Als Provinciale Staten donderdagavond de Omgevingsverordening vaststellen, is dat zeer ongunstig voor de woningbouw in Noord-Holland, vindt Jan Overtoom, regiomanager bij Bouwend Nederland. Het aantal kanslozen op een woning neemt toe, als voornamelijk nog in steden wordt gebouwd en niet ook in het landelijk gebied.

„De situatie is nu al hachelijk, de cijfers liegen er niet om. In 2024 loopt zelfs zonder de Omgevingsverordening het tekort in de provincie al op tot 102.000 woningen. Nieuwe wijken moeten in rap tempo gebouwd worden. Dat impliceert aanleg van wegen en ov-verbindingen. Probleem: geld ontbreekt. Weliswaar gaf het Rijk een extra Woningbouwimpuls, waardoor een aantal gemeenten in Noord-Holland, onder andere Zaanstad, voor de benodigde infrastructuur kan zorgen. Blijft staan dat deze impuls volstrekt ontoereikend is voor de totale woningbouwopgave. Voorts is nodig dat gemeenten de regie nemen langs de lintbebouwing: de provincie zou er goed aan doen de problemen niet te vergroten door deze gebieden aan te wijzen als Bijzonder Provinciaal Landschap.

Hoog tijd om nú bouwlocaties aan te wijzen waar morgen de heipalen de grond in kunnen. De stelling dat er binnenstedelijk voldoende ruimte is om te bouwen is niet realistisch. Voordat er gebouwd kan worden, zijn we tien jaar verder. Bovendien, veel Noord-Hollanders zijn niet zo dol op een appartement, ze wonen liever in een huis met een tuin.

(Tekst gaat door onder foto)

Jan Overtoom, regiomanager Bouwend Nederland.
© Josine Voogt

Noord-Holland is een prachtige provincie. Rijk aan natuur. Het is van belang hier in te investeren. We moeten het als een uitdaging zien haar op een hoger niveau te tillen. Veel weilanden staan te boek als ’groene industriegebieden’. Behalve de kleur hebben ze weinig van doen met de natuur. Een voorstel: een deel van deze gebieden gebruiken voor zowel duurzame ontwikkeling van woningen als voor ’echte’ natuur. Natuurontwikkeling en woningbouw zijn niet elkaars tegengestelden, ze kunnen prima hand in hand gaan.

Onze bouwers staan te popelen om woningzoekenden aan duurzame huizen te helpen in hun eigen landelijke omgeving. De nood is hoog. Het valt moeilijk te verteren dat de Omgevingsverordening elke urgentie op dit punt ontbeert.”

Jan Overtoom, Bouwend Nederland

Groene leefomgeving belangrijker dan woningbouw

De Omgevingsverordening beschermt het landschap van onze mooie provincie en maakt woningbouw zeker niet onmogelijk, aldus Willem Hellevoort, provinciaal ambassadeur van Natuurmonumenten. Bewoners van nieuwbouwwijken hebben juist baat bij aantrekkelijk landschap direct om de hoek.

„De gemiddelde Noord-Hollander is trots op het landschap, en terecht! Terwijl Den Haag en Rotterdam aan elkaar zijn vastgegroeid kan een Amsterdammer per fiets binnen 20 minuten de stad uit. Noord-Holland steekt haar nek uit door Bijzondere Provinciale Landschappen aan te wijzen en verdient hiervoor juist een compliment.

Uit representatief onderzoek blijkt dat bewoners van onze provincie een groene leefomgeving en behoud van landschap erg belangrijk vinden, belangrijker zelfs dan meer woningbouw. Door gebieden zoals de binnenduinrand vrij te houden van ongeremde bebouwing neemt de provincie de wens van haar inwoners serieus.

(Tekst gaat door onder foto)

Willem Hellevoort, ambassadeur Noord-Holland, Utrecht en Flevoland van Natuurmonumenten.
© Natuurmonumenten

Het tekort aan nieuwe woningen komt niet door een tekort aan geschikte bouwlocaties maar vooral door haperende vergunningverlening. Op dit moment mogen er volgens bestemmingsplannen 80.000 woningen direct worden gebouwd. Op termijn is er zelfs ruimte voor bijna 400.000 woningen. De heipalen kunnen dus al morgen de grond in, mits er een oplossing wordt gevonden voor het stikstofprobleem. Bouwend Nederland heeft hiervoor al prima suggesties ingeleverd in Den Haag.

De aanwijzing van BPL’s voorkomt dat er allerlei kleine stukjes van de mooie landschapstaart af worden gesnoept. Woningbouw dient niet als confetti her en der te worden uitgestrooid, maar op de juiste plek. Juist als er veel binnenstedelijk wordt gebouwd, dient het omringende landschap vrij te blijven van verdere verstening. De mensen moeten naar buiten kunnen; de natuur in.

Woningbouw vraagt bovendien om nieuwe groene gebieden. Er is niet alleen woningnood, maar ook natuur-, recreatie- en landschapsnood. Het bezoekerstal in natuur- en recreatiegebieden is enorm en die druk neemt alleen maar toe. Nieuwe woonwijken moeten daarom niet alleen worden voorzien van wegen en waterleiding, maar ook van toegankelijk en aantrekkelijk groen direct om de hoek.’’

Willem Hellevoort, Natuurmonumenten

Lees ook: GS reageert op regen aan moties: kans voor sporthal in Wormer en bouwmogelijkheden in Blaricum en bij Schagen

Meer nieuws uit Amsterdam

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.