Premium

De bevoorrechte gijzelaar uit Heemstede

De bevoorrechte gijzelaar uit Heemstede
Portrettekening van Bob Calisch door medegijzelaar L. Schiphorst.
Heemstede

Op 22 januari 2019 overlijdt de alleenstaande Bob Calisch op 99-jarige leeftijd in zijn slaap. Zijn huis aan het Spoorplein in Heemstede wordt enige tijd later leeggehaald door zijn neven uit Noorwegen. Zij stuiten op drie plakboeken met oorlogsherinneringen van hun oom en het verzoek deze aan het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (NIOD) te geven. De talloze brieven, foto’s en aantekeningen schetsen een beeld van een bevoorrechte gijzelaar en dwangarbeider.

Lees hier alle verhalen over 75 jaar bevrijding

De neven moeten weer terug naar Noorwegen en geven de plakboeken aan de hovenier die jarenlang de tuin onderhoudt. Voordat hij de documentatie aan het NIOD geeft, vraagt hij aan bestuursleden van de Historische Vereniging Heemstede-Bennebroek (HVHB) of zij interesse hebben er eens naar te kijken.

Zo komen de plakboeken terecht bij Anja Kroon, die twee maanden onderzoek deed naar de tot dan toe onbekende oorlogsgeschiedenis van Bob Calisch.

Ze ontcijfert vele van de zestig lange en priegelige brieven van Bob aan zijn moeder en raadpleegt een groot aantal bronnen. Het onderzoek resulteert in het artikel ’Bob Calisch, een Heemsteedse Seyffardtgijzelaar’, dat in het speciale themanummer van het HVHB-kwartaalblad HeerlijkHeden is opgenomen. Het nummer is geheel gewijd aan de Tweede Wereldoorlog in Heemstede en Bennebroek. Het zijn vrijwel allemaal nieuwe, nog niet eerder gepubliceerde verhalen.

De bevoorrechte gijzelaar uit Heemstede
Portretfoto van Bob die hij in St.Blasien heeft laten maken.

Represaille

In de vroege ochtend van 9 februari 1943 worden de broers Bob en Bert Calisch gewekt door een arrestatieploeg van de politie. In totaal worden die ochtend twaalf Heemstedenaren naar het politiebureau gebracht.

De arrestaties zijn een vergelding voor de moord op luitenant-generaal H.A. Seyffardt, bevelhebber van het Nederlandse Vrijwilligerslegioen. Hij wordt op 5 februari 1943 thuis in Den Haag neergeschoten. Seyffardt is zwaargewond en overlijdt de dag erna.

Volgens Seyffardt waren de daders studenten. Hoewel dit niet waar was, heeft het grote gevolgen voor de represaillemaatregelen. De Duitse bezetters willen tientallen gijzelaars fusilleren.

Uiteindelijk wordt besloten 5000 ’plutocratenzonen’ op te pakken, maar in de praktijk zijn het er 1200 geworden. Via Kamp Vught zouden deze ’nietsnutten’ in Duitsland worden tewerkgesteld. NSB-burgemeesters leveren een namenlijst. Velen zetten niet alleen studenten op de lijst maar ook jonge mannen van wie ze af willen.

De bevoorrechte gijzelaar uit Heemstede
Oproep om niet alleen arbeiders naar Duitsland te sturen, 1942.

In Heemstede is op dat moment NSB’er Jakob Hendrik van Riesen burgemeester. Het is aannemelijk dat hij ’t Werkende Volk, Strijdblad voor de Nationaal-Socialistische Beweging in Nederland, leest. Op 25 november 1942 wordt in een artikel opgeroepen om lijsten te maken van rijkeluiszoontjes. Het is denkbaar dat Van Riesen opdracht gaf zo’n lijst maken.

Boodschappenbriefjes

De hele groep belandt in Kamp Vught.

Anja Kroon: „Dat was net geopend en had een speciale gijzelaarsafdeling. De studentengijzelaars hoefden niet te werken en mochten pakketjes ontvangen, sporten, studeren, lezen, schaken en cabaretavonden organiseren. Ik ben boodschappenbriefjes van Bob aan zijn moeder tegengekomen waaruit blijkt dat hij twee pakjes per week ontving.”

De bevoorrechte gijzelaar uit Heemstede
Kamp Vught na de bevrijding, eind 1944.

In april wordt een groep van 182 gijzelaars, onder wie Bob Calisch, naar Duitsland getransporteerd. Ondanks alles geniet Bob van de reis: ’Prachtig door het heuvellandschap van het Duitse laag-middelgebergte. Het eten onderweg was zeer goed, wat des te meer opviel na de eeuwige goudvissenpreu uit Vught. En eindelijk was daar een warme douche na drie maanden ontbering’, schrijft hij.

Bob komt terecht in Straatsburg bij de Junkersfabrieken waar hij beschadigde vliegtuigpropellers van het Oostfront moet repareren. Na een paar weken worden de Nederlanders opnieuw opgedeeld. Bob moet naar St. Blasien in het Zwarte Woud. Daar wordt hij met een paar anderen uit Straatsburg tewerkgesteld bij een houtzagerij. Ze wonen met z’n vieren op de eerste etage van het woonhuis van de eigenaar.

De bevoorrechte gijzelaar uit Heemstede
De Junkers- fabriek in Straatsburg.

Uitstapjes

Bob schrijft lange brieven naar huis waaruit blijkt dat hij op de hoogte is van wat er allemaal in Heemstede gebeurt. Het werk is zwaar, de dagen lang en in de strenge winters is de werkplek niet verwarmd. Maar er zijn ook aangename kanten aan het verblijf.

Bob schrijft over uitstapjes in de natuur of smakelijke maaltijden in een lokaal Gasthaus. Hij pakt in zijn vrije tijd ook zijn studie weer op. Kroon: „Hij had een contract, salaris, was vrij op zondag en had recht op vakantiedagen.”

De bevoorrechte gijzelaar uit Heemstede
Bob (staand, rechts) met vier mede- dwangarbeiders tijdens een uitstapje bij riviertje de Alb, 24 juni 1944.

Het Franse leger bezet St. Blasien op 25 april 1945 en kort daarop kunnen de Nederlandse arbeiders vertrekken. Op 18 mei reist Bob door naar Nederland, op 7 juni komt hij thuis. Hij is twee jaar en vier maanden weggeweest. Bob trouwt niet, blijft bij zijn moeder wonen, is erg op zichzelf en woont tot zijn overlijden vorig jaar in het ouderlijk huis.

Na de bevrijding wordt burgemeester Van Riesen gearresteerd. Bij zijn proces-verbaal in 1947 worden Heemsteedse Seyffardtgijzelaars als getuigen gehoord, onder wie de broers Calisch. Riesen ontkent betrokkenheid en weet niets van een namenlijst.

Hij schuift de schuld in de schoenen van politiekorpschef Pieter Lambertus Gerardus Kramer, die op zijn beurt wijst naar Willy Lages van de Duitse Sicherheitsdienst, die hem de lijst met namen zou hebben gegeven.

Van Riesen verdedigt zich bij zijn proces met de woorden: ’Alle opdrachten van de bezettende macht heb ik doen uitvoeren’. Hij wordt veroordeeld tot twaalf jaar gevangenisstraf, maar krijgt een klein jaar later op eigen verzoek gratie vanwege zijn slechte gezondheid. Op 22 maart 1955 overlijdt hij in een Amsterdams verpleeghuis.

De bevoorrechte gijzelaar uit Heemstede
Burgemeester Van Riesen in zijn zwarte NSB-uniform bij de begrafenis van politiewachtmeester P. van Duyn, 11-10-1943.

Perspectief

Anja Kroon: „Het verhaal van Bob is zo bijzonder omdat het een ander perspectief schetst. Het is een interessante aanvulling op wat we tot nu toe wisten. Ondanks alle ellende was Bob bevoorrecht: veel landgenoten waren slechter af en hebben vreselijk zwaar werk moeten verrichten onder heel moeilijke omstandigheden.”

Kroon denkt niet dat Bob zijn ervaringen veel rooskleuriger beschreef om zijn moeder niet ongerust te maken. ,,Zijn broer is eerder thuis gekomen en zal ook over Kamp Vught hebben verteld. En moeder heeft bezoek gehad van een kameraad die eerder uit Duitsland weg kwam.’’

De Historische Vereniging Heemstede-Bennebroek wil, wanneer de omstandigheden het weer toelaten, de documentatie van Bob Calisch tentoonstellen. Daarna wordt het geschonken aan het NIOD. HeerlijkHeden nummer 184 is voor niet-leden verkrijgbaar in de lokale boekhandel.

Meer nieuws uit Haarlem

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.