Premium

Oorlog in West-Friesland: Kont aan kont onder vloer bij de Koomens in Wervershoof

Oorlog in West-Friesland: Kont aan kont onder vloer bij de Koomens in Wervershoof
Onderduiker Frans Osterhaus (2e van rechts) in Wervershoof. Achter hem staat Piet Osterhaus.
© Archief Oud Wervershoof
Wervershoof

Er zijn verschillende verhalen van onderduikers die na de oorlog bleven terugkomen naar de gastfamilies, de plek en de dorpjes. In Wervershoof is ook de tweede generatie nog steeds nieuwsgierig naar deze periode.

Lees hier alle verhalen over 75 jaar bevrijding

De kinderen van de broers Osterhaus waren recent nog in het dorp, als speciale gast van Petra Koomen. Want het waren haar grootouders die in 1943 Piet en Frans Osterhaus een veilig onderdak boden.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog waren er in Wervershoof volgens een schatting van Petra tussen de 300 en 400 onderduikers op een inwonersaantal van 3000. „Eén op de tien mensen was hier dus onderduiker.”

De Utrechters Osterhaus willen in ’43 onder geen beding in Duitsland te werk worden gesteld. Dus volgen ze hun broer Antoon, die al eerder in Wervershoof is ondergedoken bij de familie Haakman op de Neuvel.

Frans en Piet worden in het gezin Koomen opgenomen. Ze gaan dus ook ’gewoon’ mee naar de tuinderij. Bij onraad wordt op tijd gewaarschuwd. In het huis aan toenmalige Beerewerf is onder de houten vloer een schuilplek gemaakt, voor het geval ze heel snel moeten verdwijnen.

Liefst stappen ze op tijd in een schuitje om ver weg achter een rietkraag uit beeld te verdwijnen. Wanneer het ’opgaan’ in de polder niet mogelijk is, rest niets anders dan de losse vloerplanken opzij te schuiven, ’kont aan kont’ te blijven liggen en er het beste van hopen.

Niet alle onderduikers treffen het. Soms kunnen de mensen ook niet met elkaar overweg, of bezwijken onder de druk van het constant op je hoede moeten zijn. De Utrechtse broers hebben het in ieder geval wel naar de zin, tussen die West-Friezen. Twee jaar lang vinden zij er een goed en veilig huis.

Af en toe komen vader en moeder Osterhaus tijdens de oorlog zelfs op bezoek in Wervershoof. Vader is in het bezit van een fotocamera. Vandaar dat er in en om de Beerewerf opvallend genoeg ook plaatjes worden geschoten van het onderduikersbestaan.

In mei 1995 organiseert een groep mensen uit Wervershoof, Onderdijk en Zwaagdijk een reünie over de oorlog. Piet en Antoon zijn er bij, Frans is inmiddels al overleden. „Dat werd toen een emotioneel weerzien met mijn vader”, weet Petra nog.

Vooral Antoon onderhoudt regelmatig contact met zijn onderduikersgezin, de familie Haakman, en neemt later ook zijn kinderen mee naar Wervershoof. Volgens hen werd Antoon een ander mens als Wervershoof in zicht kwam; het voelde voor hem als thuiskomen.

Intussen hebben de nieuwe generaties elkaar dus ook gevonden. Via dorpsgenoten Kees en Joke Haakman wordt het contact met de familie Osterhaus gelegd.

Eind vorig jaar rijden de zoons van Antoon Osterhaus, Marcel en Vincent, met hun neef Louis naar Wervershoof. Zij kregen van Petra een rondleiding, onder meer langs het ’onderduikershol’ aan de Beerewerf, en langs de rooms-katholieke kerk waar tijdens de oorlog een gangenstelsel onder de kerk als schuilkelder werd gebruikt.

Zo wordt voor deze mannen het oorlogsverleden van hun eigen vader en oom ook tastbaar, weet Petra: „Ze gingen met een jaarboek van Oud Wervershoof weer naar huis.”

Foto: Onderduikers wegens razzia in Wervershoof gevlucht naar de Zak van Hauwert, 1945

Foto: Drie onderduikers in Wervershoof, tevens vrienden, 1944

Foto: Onderduikers uit de buurt, op het pad bij Klaas Koomen in Wervershoof, 1943

Foto: Vier onderduikers in Wervershoof, met Jan Ravensteijn Jan Hoogenbos en Simon Moerkamp, 1943

Het complete verhaal over Onderduikers in Wervershoof staat in het jaarboek van de Historische Vereniging Stichting Oud Wervershoof, de Skriemer no. 23.

Meer nieuws uit Regio

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.