Achter winnares Esmee Visser ontpopt Irene Schouten zich bij het NK tot de sensatie op de 3000 en 5000 meter

Irene Schouten (links) en Esmee Visser in hun onderlinge duel op de 5000 meter.© foto ANP/vincent jannink

Marco Knippen
Heerenveen

Het was niet de Nederlands schaatskampioene op de 3000 en 5000 meter, maar de nummer twee die afgelopen weekeinde in Heerenveen het nadrukkelijkst in de schijnwerpers stond. Want de uithaal in tweevoud van Irene Schouten gold als een volslagen verrassing, terwijl de dubbele machtsgreep van Esmee Visser enigszins was ingecalculeerd.

Visser deed in het Thialf-stadion wat van haar werd verwacht, als de regerend olympisch kampioene op de langste afstand en de Europese titelhoudster op het kortere onderdeel.

De 23-jarige Beinsdorpse dook zaterdagmiddag op de 3000 meter in de slotrit onder de op dat moment te kloppen tijd van Schouten (4.01,29 om 4.01,80), terwijl ze een klein etmaal later de vier jaar oudere Andijkse in een rechtstreeks duel versloeg: 6.50,96 versus 6.54,87.

Ze was zelfkritisch, na – wonderlijk maar waar – haar eerste nationale goud op de drie kilometer. ,,Ik vond de overwinning niet erg overtuigend’’, benadrukte Visser. ,,Het had harder gekund.’’

Na het tweede goud volgde een herhaling van zetten. Opnieuw plaatste Visser een kanttekening bij haar superioriteit. ,,Ik bouwde mijn rondetijden aan het einde af, dan weet je dus dat er meer had ingezeten’’, toonde ze zich kieskeurig. Om vervolgens haar eigen analyse weer grotendeels onderuit te halen: ,,Als ik in het begin harder had gereden, had ik waarschijnlijk een oplopend schema neergezet. Dan toch maar liever zo, want dit geeft vertrouwen voor de rest van het seizoen.’’

Visser, die zich eind 2017 vanuit het niets voor de Winterspelen kwalificeerde en sindsdien tot een gevestigde naam uitgroeide, bekende dat ze soms nog wat moeite heeft met het stevige verwachtingspatroon rondom haar persoon. ,,Ik leg de lat voor mezelf altijd wel hoog, maar vind het lastig als anderen de druk op mij opvoeren. Ik moet nog steeds wennen aan de favorietenrol. Dat bangige is een valkuil. Wat dat betreft zit ik in een leerproces.’’

Contrast

De ingetogenheid van Esmee Visser vormde een contrast met de uitgelatenheid van Irene Schouten. Zij kon, zonder enig voorbehoud, haar geluk niet op. ,,Dat ik zó in vorm zou zijn, had ik niet verwacht’’, glunderde ze. ,,Mooi dat het op een belangrijk moment lukt.’’

Schouten kon met recht trots zijn. Met name op de 3000 meter was sprake van een regelrechte sensatie. Niet alleen hield ze titelverdedigster Antoinette de Jong achter zich, tevens troefde ze twee olympische kampioenes op dit onderdeel af: te weten Carlijn Achtereekte en Ireen Wüst, waarbij Achtereekte met haar derde plaats nog juist aan de goede kant van de score bleef.

Schouten beschouwde haar succesvolle tweeluik als stayer, zoals ze aangaf, ’als een afrekening met de critici’. Want al langer houdt ze zichzelf voor dat in haar een langebaanschaatsster schuilt, iets wat door de buitenwacht nogal eens wordt betwijfeld. Zelfs het WK-brons op de vijf kilometer uit 2016 deed dat beeld niet kantelen. Het grote publiek ziet in haar toch vooral de gevierde marathonvedette, die sinds de introductie van de massastart ook op dat onderdeel haar stempel wist te drukken.

Op die verkorte vorm van de marathon werd Schouten in 2015 en afgelopen februari wereldkampioene en veroverde ze in 2018 olympisch brons – en in nationaal verband verlengde ze zondagmiddag haar alleenheerschappij, met haar zevende titel op rij. Een sluitstuk nota bene waarin ze, met al drie afstanden achter de rug (ze reed eveneens de 1500 meter op vrijdag), ’stalpoten’ had gehad. Verzuring overigens die, gezien haar krachtige eindschot, geenszins zichtbaar was geweest.

Dat Schouten eindelijk het juk van zich wist af te werpen en straks bij het EK (10-12 januari, Heerenveen) en WK afstanden (13-16 februari, Salt Lake City) op twee respectievelijk drie onderdelen mag uitkomen, schreef ze toe aan haar doorzettingsvermogen. ,,Ik ben altijd blijven knokken, heb nooit opgegeven. Als het tegenzat, sprak ik mezelf moed in: blijf in jezelf geloven, eens komt het eruit. Het heeft even geduurd, maar hier sta ik dan. Hopelijk is het geen uitschieter.’’

Groot feest

De euforie van Schouten ging overigens gepaard met de lichte teleurstelling bij haar vader. Uitgerekend vlak voor het WK, als zijn dochter reeds naar Noord-Amerika is afgereisd om te acclimatiseren, geeft hij ter ere van zijn zestigste verjaardag en 25-jarige jubileum als tulpenkweker een groot feest.

Lachend: ,,Hij zei doodleuk dat ik maar even kort terug moest komen. Ik heb hem toen maar even uitgelegd dat het zo niet werkt in de topsport.’’

Meer nieuws uit Sport Regionaal

Meest gelezen