Premium

De Haarlemsche Zilversmederij: hofleverancier in openluchtmuseum

De Haarlemsche Zilversmederij: hofleverancier in openluchtmuseum
Karel Schermerhorn in zijn werkplaats. Op de achtergrond is stagiair Pim Faro bezig.
© United Photos/Paul Vreeker
Haarlem

Hij heeft weleens overwogen zijn zaak op te frissen. Plafonnetje stuken, houtwerk schilderen, leidingen wegwerken. Maar Karel Schermerhorn kwam rap tot de conclusie dat het vloeken in de kerk zou zijn. Het interieur van de Haarlemsche Zilversmederij, die dit jaar het eeuwfeest viert, moet blijven zoals het is.

Schermerhorn (52) merkt afgelopen vrijdag weer hoe bijzonder zijn pand in de Gaelstraat is. Burgemeester Jos Wienen kijkt z’n ogen uit als hij tussen de hamers, werkbanken, forceerklossen, bankschroeven en polijstmachines doorloopt. Bijna allemaal ambachtelijk gereedschap dat nog feilloos functioneert.

De Haarlemsche Zilversmederij: hofleverancier in openluchtmuseum
© United Photos/Paul Vreeker

Wie door de smederij wandelt, ziet een kruising tussen een openluchtmuseum, het huishouden van Jan Steen en de winkel van Swiebertjes maat Malle Pietje. Een buitenstaander zou niets kunnen terugvinden, in de ogen van de eigenaar van het eenmansbedrijf is juist alles ordentelijk opgeborgen.

Gedoe

Wienen bracht geen beleefdheidsbezoek aan de smederij. Hij kwam de oorkonde overhandigen die hoort bij de status van hofleverancier. Nee, het was niet Schermerhorns idee de aanvraag in te dienen. Een hoop gedoe en geregel, daar zat-ie niet op te wachten. Maar de kleindochter van oprichter Arnold Presburg overtuigde de Amsterdammer ervan het eeuwfeest extra cachet te geven door te promoveren tot hofleverancier. Zij legde de benodigde paperassen voor zijn neus die hij alleen nog maar hoefde in te vullen.

De Haarlemsche Zilversmederij: hofleverancier in openluchtmuseum
© United Photos/Paul Vreeker

Sophia Presburg heeft ook het jubileumboekje gemaakt. Ze stelt het samen met Nico Koers, kleinzoon van medeoprichter Arie Antonie Hoogteiling. Het heeft een fraaie bundel opgeleverd waar Schermerhorn geen omkijken naar heeft. „Ik ben zilversmid, geen boekjesschrijver. Ik had de makkelijkste taak, ik hoefde alleen maar de borrel te organiseren voor de presentatie.”

Schermerhorn neemt in 1998 het bedrijf over van George Presburg, de zoon van de oprichter. Na zijn opleiding aan Vakschool Schoonhoven - de enige plek in Nederland waar goud- en zilversmeden het ambacht kunnen leren - werkt hij zeven jaar voor de vermaarde juwelier Lyppens. Als hem in de Amsterdamse binnenstad alle kneepjes van het vak zijn bijgebracht, is het tijd zelfstandig te worden.

Verkikkerd

Schermerhorn komt via via in Haarlem terecht. Hij heeft amper twee stappen over de drempel gezet of hij is verkikkerd op de Haarlemsche Zilversmederij. Zo hoort een werkplaats eruit te zien. Er hangt nog de sfeer van de jaren dertig, toen Presburg en Hoogteiling in het pand trokken.

De Haarlemsche Zilversmederij: hofleverancier in openluchtmuseum
© United Photos/Paul Vreeker

Curieus is de stam van de eeuwenoude kastanjeboom die als aambeeld dient. De onderkant van de woudreus staat exact op de plek waar hij ooit was geworteld. De boom sneuvelt in de jaren vijftig als de werkplaats wordt uitgebouwd naar de tuin.

Zilversmeden kan Schermerhorn al, maar het ondernemen moet hij nog leren. Het zijn soms harde lessen. Zoals tijdens de economische crisis een decennium geleden als hij afscheid moet nemen van een werknemer. Aan het betalen van de ontslagvergoeding gaat zijn zaak bijna ten onder. Sindsdien neemt hij geen personeel meer aan. Bij grote drukte huurt hij mensen in, die het zilversmeden als liefhebberij hebben naast hun gewone baan.

De Haarlemsche Zilversmederij: hofleverancier in openluchtmuseum
© United Photos/Paul Vreeker

En er loopt altijd een stagiair bij hem in het bedrijf. Dit studiejaar is het de 23-jarige Pim Faro, slechts een van de vijf zilversmeedleerlingen van Vakschool Schoonhoven. Schermerhorn is dolblij met zijn stagiaires die met hun onbekommerde frisheid morrelen aan zijn vastgeroeste gewoontes. Pim stelt voor de slijpmachines naar de andere kant van de zaak te verplaatsen. Topidee! „Ik heb er dus 21 jaar over gedaan om dat in te zien.”

De stagiair mag zich aanvankelijk uitleven op het maken van nieuwe producten (30 procent van het werk) en het repareren van voorwerpen die door Schermerhorn zijn ingekocht. Pas als de leerling zich heeft bewezen, mag hij zich storten op restauraties van dierbare stukken van klanten. Dat is een grotere verantwoording, daar mag niks mee misgaan.

Argwanend

Sommige argwanende klanten kijken het liefst over zijn schouder mee als het zo gekoesterde erfstuk onder handen wordt genomen. Maar daar begint Schermerhorn niet aan. Als ze zijn vakmanschap niet vertrouwen, kunnen ze beter naar een ander gaan. „Uiteindelijk komen ze altijd bij me terug.”

Stagiairs mogen zich bij de Haarlemsche Zilversmederij uitleven in hun creativiteit. Pims voorgangers bouwden een schitterende hevel, waarmee rode wijn uit de fles via een subtiel buisje in het glas belandt. Gedecanteerd nog wel. Een klant met een Frans chateau bestelde er meteen eentje, om zijn gasten extra te laten genieten van een dubbele magnum. „Of de wijn ook beter smaakt? Ik denk het wel. Eten en drinken gaat om de beleving, hè.”

De Haarlemsche Zilversmederij: hofleverancier in openluchtmuseum
© United Photos/Paul Vreeker

Schermerhorn heeft een bonte schare klanten: musea, synagogen, handelaren, antiquairs, particulieren. Hij krijgt voorwerpen in handen van duizend euro, maar ook van anderhalve ton. Door zijn ervaring raakt hij niet in de war van een kapitaal stuk. Het is juist telkens weer de lol om een ’strijdplan’ te bedenken bij een nieuwe klus. „Soms staat iets twee weken op m’n werkbank voordat ik weet hoe ik het ga aanpakken.”

Het restaureren van zilver is niet zonder risico. In plaats van zilver komt bij het repareren soms onverwachts tin als een duivel tevoorschijn. Dat heeft een andere smeltingstemperatuur, waardoor het zich kan invreten in het zilver van het dienblad, de broodmand, koektrommel, drinkbeker of jardinière. ’Loodgieters’ noemt hij de vervloekte werklieden die met tin werken.

Fixen

Schermerhorn maakt het mee bij de kandelaar van zijn moeder als hij nog stagiair is. Vol vertrouwen vertelt zoonlief dat hij de afgebroken arm kan fixen, maar die blijkt ook met tin te zijn vastgezet. Hij krijgt de constructie zo goed en zo kwaad weer gerepareerd. „Maar telkens als ik hem bij m’n moeder op de piano zie staan, moet ik er weer aan denken.”

De Haarlemsche Zilversmederij: hofleverancier in openluchtmuseum
© United Photos/Paul Vreeker

Schermerhorn zelf heeft niet veel zilver in huis, alleen een dienblad uit 1920 en bestek. Meer hoeft voor hem niet, hij heeft genoeg om zich heen staan in de werkplaats. Het is voor hem het ideale materiaal zijn vaardigheden op te botvieren. Veel meer dan goud. Gezien de veel hogere prijs (43.000 euro voor een kilo ten opzichte van 540 euro) komen grote voorwerpen van goud nauwelijks voor. „Het zijn bijna alleen maar sieraden. Daar ben ik niet van, van dat gepriegel.”

Meer nieuws uit Haarlem

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.