Natuur om de hoek: Adelaarsvarens en vinkenbaan op landgoed in Vogelenzang

Adelaarsvarens op Landgoed Vinkenduin.
© foto United Photos/Paul Vreeker
Vogelenzang

Naast een pad met een wal erlangs staat een bordje: ‘Vinkenbaan’. Hier hebben zich honderden jaren geleden gruwelijkheden afgespeeld. Duizenden vogeltjes hebben er het leven gelaten in grote netten. Aan deze vangkunst kwam in 1912 een einde met de Vogelwet.

In Vogelenzang is een klein landgoed dat zijn naam dankt aan het vangen van vinken. Ingesloten tussen Leidsevaart en Vogelenzangseweg ligt Vinkenduin.

Tot 1919 was het onderdeel van Buitenplaats Leyduin, maar het heeft sindsdien een eigen landhuis. Tegenwoordig zijn Leyduin, Vinkenduin en de ernaast gelegen Buitenplaats Woestduin in eigendom van Landschap Noord-Holland.

Vinkenbaan

,,In de hele binnenduinrand hadden heren van stand een vinkenbaan’’, steekt de Haarlemse bioloog Dik Vonk van wal.

,,Dat was een strook kale grond met aan weerskanten boompjes en struiken. Op die kale grond zaten blind gemaakte vinken die niet konden zien dat de lente voorbij was waardoor ze bleven zingen. Zij lokten de trekvogels die in het najaar van het noorden naar het zuiden vlogen. Letterlijk met duizenden tegelijk werden die trekvogels met slagnetten gevangen, daarna doodgeknepen en in de olie gefrituurd. Dat was in de achttiende, negentiende eeuw.’’

Waar ooit een slagveld van vogeltjes was, vliegen nu heidelibellen, steken paddenstoelen hun hoofd uit de grond en verheffen vele adelaarsvarens zich boven bijna alles wat groeit.

Over het rijtje landgoederen in Vogelenzang zijn twee wandelingen uitgezet. Door Leyduin, de noordelijkste van de drie, voert een route van 2,2 kilometer die is gemarkeerd met gele stippen. Paaltjes met witte stippen staan in Vinkenduin en Woestduin. Deze wandeling is 3,1 kilometer.

De witte route begint over een laan met jonge beuken. Hier voelt het meteen als een bos door de hogere luchtvochtigheid en het getemperde licht tussen de bomen.

Wildgroei

Dik loopt naar de beuken toe en wijst op de kleine bobbels op de stam. ,,Dat is wildgroei van hout. De kern is hout, geen bast. Niemand weet waarom de beuk dat doet. Als de bobbeltjes oud zijn, kun je ze er met een bijtel afstoten en als kralen gebruiken. Maar de grootste bobbel is het leukst’’, roept hij enthousiast. Een wijngaardslak kleeft op een meter boven de grond tegen de stam. ,,Slakken gaan vaak in drogere perioden hoger zitten, zodat de egel ze niet kan opeten.’’

Na een paar honderd meter verschijnen de eerste adelaarsvarens tussen de bomen. Dit is een paradijs voor de grootste varen in Nederland. De bodem is ideaal voor de manshoge plant. ,,In de oude duinen is door een paar duizend jaar regenval de kalk in de bovenlaag van de grond opgelost. Deze varens kunnen juist niet tegen kalk.’’

Evenwijdig aan de Vogelenzangseweg krijgt het wandelpad een meer transparant karakter. Aan de ene kant piept huize Vinkenduin tussen de bomen door, aan de andere kant grazen roodbonte koeien in vette weilanden met slootjes.

Na de kruising met de verboden inrit naar het landhuis ontvouwt zich een woud aan adelaarsvarens naast een open plek met een gigantisch omgevallen beukenboom. Met zijn kleine zakmes wil Dik laten zien waarom de varen zo heet. Hij snijdt de stengel van de varen door.

In de doorsnede zijn, als het goed is, twee tegenover elkaar staande adelaarskoppen te zien. Maar zijn mes is bot en zijn schaartje breekt op de harde steel. Er zijn slechts rafelranden te zien. ,,Hiervoor moeten we maar even de boeken induiken’’, zegt hij teleurgesteld.

Meer nieuws uit Haarlem

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.