Haarlemmer Ted Verdonkschot overleefde ’motie van wantrouwen’ en is nog altijd coach van IJsselmeervogels: ’Als je overal succes hebt gehad, aan wie ligt het dan?’

1/2
Spakenburg

’Ted Verdonkschot op de schopstoel bij IJsselmeervogels’, kopte deze krant begin mei, nadat uit onderzoek was gebleken dat het merendeel van de spelers geen heil meer zag in de coach. Maar zie daar: een nieuw seizoen in de tweede divisie vangt aan en de Haarlemmer, in wie de clubleiding wél het vertrouwen hield, staat nog altijd aan het roer bij de Rooien. Zit hij stevig in het zadel? De tijd zal het leren. Een openhartig vraaggesprek met de man die het ’Ajax van het amateurvoetbal’ met een versterkte selectie naar nieuwe successen moet leiden.

Een nieuw seizoen, nieuwe kansen. Zijn jullie er klaar voor?

,,Ik denk het wel, maar dat zal moeten blijken. De tegenstanders in de competitie zijn van een ander kaliber dan waar we tegen geoefend hebben, al zijn DOVO en DVS’33 natuurlijk prima ploegen. Van mij mag het in ieder geval beginnen. Zo’n voorbereiding is leuk, maar je werkt toch toe naar het échte werk. Er zijn andere poppetjes aan de selectie toegevoegd en de groep oogt gretig. Gretiger dan vorig seizoen.’’

Ben je tevreden over de groep die je tot je beschikking hebt?

,,Zeker. We zijn er in de breedte op vooruitgegaan, ik heb zeventien man die ik zo kan opstellen en met Frenkie Overmars en Quincy Veenhof ook nog twee grote talenten die eraan komen. En de drie jongens van Kozakken Boys die erbij zijn gekomen (Gwaeron Stout, Ahmed el Azzouti en Sanny Monteiro, RT), zijn regelrechte versterkingen.’’

Wat hebben jullie aan de selectie toe willen voegen?

,,Naast kwaliteit ook persoonlijkheid. Stout en Monteiro zijn jongens die zich in de kleedkamer meteen laten gelden. Voor een trainer prettig, anders ben jij altijd de boeman. Het is niet voor niets dat Stout mijn aanvoerder is. Dat is niet alleen vanwege zijn voetballende capaciteiten. Gwaeron is een leider, in en buiten het veld. Vanuit zijn ervaring, maar bovenal van nature. Jongens nemen iets van hem aan. Hij zit nog maar net bij de club, maar dat gaat vanzelf.’’

Miste je zo’n type vorig seizoen?

,,Absoluut. Als je ziet waar het is misgelopen... Je hebt te maken met een groepsproces en het is daarin zaak dat niemand zichzelf belangrijker vindt dan het team. En dat jongens die niet tevreden zijn over hun rol dat niet aangrijpen om te muiten als het even minder loopt. Ik verwacht dat als dat toch dreigt te gebeuren, spelers elkaar daarin corrigeren. Want meestal gebeurt zoiets buiten het gezichtsveld van de staf om natuurlijk.’’

Hoe kijk je eigenlijk terug op je eerste seizoen bij Vogels?

,,Als je puur naar de resultaten kijkt, hebben we het gewoon prima gedaan, op de laatste fase na dan. De doelstelling was om IJsselmeervogels terug richting de top te brengen en met een gedeelde tweede plaats is dat uitstekend gelukt. We hebben zelfs lang meegedaan om de titel.’’

Er was ook veel kritiek op de behoudende speelwijze.

,,Het liefst speel ik ook vol op de aanval, maar uiteindelijk is het resultaat heilig. Ik kijk naar het beschikbare materiaal en kies op basis daarvan voor een bepaalde tactiek. Ik vond dat ik niet de snelheid achterin had om ver van de eigen goal af te spelen, dus dan bouw je wat meer verdedigende zekerheid in.’’

In dat kader: veel mensen begrepen het opstellen van een Kevin van Diermen en het structureel passeren van (de inmiddels naar AFC vertrokken) Gévero Markiet – toch een verdediger met de nodige snelheid – niet.

,,Dat heb ik ook vaak gehoord, maar je hoeft de resultaten er maar bij te pakken om te zien dat het met Gévero centraal achterin niet beter ging dan met Kevin op die plek. Van de eerste twaalf wedstrijden na de winterstop hebben we er zelfs maar twee verloren. Snelheid is maar één facet, het gaat om de totale balans. Maar wat dat betreft werkt het hier net als bij Ajax. Winnen, en het liefst met 5- of 6-1, moet gepaard gaan met mooi voetbal. De realiteit is echter dat de tijden veranderd zijn.’’

Wat bedoel je daarmee?

,,Dat IJsselmeervogels niet meer zo dominant is als in de oude hoofdklasse-tijd. Niet op voetballend gebied en niet op financieel vlak. Natuurlijk wil je als Vogels zijnde altijd om de titel meedoen, maar dat willen er nog zeven of acht. De tweede divisie is een absolute topcompetitie, die kun je op geen enkele manier vergelijken met de hoofdklasse A of B van vroeger. En volgens mij zien de supporters dat ook echt wel in. Overigens viel het met dat behoudende best mee. We hebben zeventig goals gescoord, alleen AFC en Rijnsburgse Boys maakten er meer.’’

Hoe heb je de hele ’ophef’ rond jouw persoon eigenlijk ervaren?

,,Dat zijn geen leuke dingen natuurlijk. We hebben vrij goed in kaart kunnen brengen wat er zich heeft afgespeeld en wie wat gezegd heeft. Er zijn jongens geweest die ontevreden waren over hun rol, in gesprekken met mij of de clubleiding hun mond niet durfden open te trekken, maar wel in twee nederlagen op rij een stok zagen om mee te slaan en bij jullie anoniem kritiek uitten. Dat slaat natuurlijk nergens op. Een aantal zit hier nog steeds en geloof me, zij worden meer op het hele gebeuren aangekeken dan ik. Daar zullen ze mee moeten dealen. Of het consequenties voor ze heeft? Natuurlijk neem je dat soort zaken ook mee naar een nieuw seizoen. Er zullen straks weer jongens teleurgesteld worden. Maar daar zal anders mee om moeten worden gegaan dan afgelopen seizoen.’’

Er werd kritiek geuit op je trainingsmethoden, tactische keuzes en communicatieve vaardigheden. Herken je daar helemaal niets in?

,,Als je al zolang in de top werkt en je overal succesvol ben geweest, aan wie ligt het dan? Een twintig jaar jongere Ted Verdonkschot had misschien aan zichzelf gaan twijfelen, maar ik heb genoeg meegemaakt. Ik vind het nog steeds leuk om met die gasten op het veld te staan, maar het is wel een andere tijd. De mentaliteit is veranderd, het is allemaal meer individualistisch geworden.’’

Er werd ook gerept over een ’vijfde colonne’, invloedrijke leden van de businessclub die zich zouden bemoeien met de opstelling.

,,Onzin. En als dat al zo zou zijn, laat ik mijn oren daar niet naar hangen. Ik ga na de wedstrijd altijd het sponsorhome in, ook na een nederlaag. Dat hoort erbij. Ik treed de achterban met open vizier tegemoet en als ze vragen hebben over bepaalde keuzes geef ik tekst en uitleg. En ja, soms hoor je best interessante dingen en kun je je voordeel doen met de feedback die je krijgt. Er lopen genoeg mensen met voetbalverstand rond bij de club.’’

Heb je je maximaal gesteund gevoeld door de club?

,,Honderd procent. De clubleiding, André van Diermen (voorzitter van de technische commissie, RT) voorop, is vanaf het begin achter me gaan staan. Vaak wordt in zo’n situatie de trainer geslachtofferd, maar hier gebeurde eigenlijk het tegenovergestelde: de spelers in kwestie zijn aangepakt.’’

Tot slot: je hebt deze krant nooit iets kwalijk genomen. Waarom niet?

,,Omdat ik niet rancuneus ben en jullie, journalisten, ook gewoon je werk doen. Dan hadden die jongens maar hun kop moeten houden. En geloof me: daar balen ze zelf met terugwerkende kracht het meest van, want zij hebben er het meeste last van. Maar misschien is het hele gebeuren achteraf juist wel goed voor het groepsproces geweest. Er heerst een nieuwe hiërarchie in de kleedkamer en de kou is uit de lucht.’’

Meer nieuws uit Sport Regionaal

Keuze van de redactie