Commentaar: IS-kinderen terug naar Nederland, het zal straks een precedent blijken

Commentaar: IS-kinderen terug naar Nederland, het zal straks een precedent blijken
Kamp Ain Issa waar de kinderen zaten.
© AFP

Een uitzondering of het begin van nieuw beleid? Het is nóg de vraag. Dat twee IS-weeskinderen nu een veilige toekomst in Nederland tegemoet gaan, kan echter onmogelijk betekenen dat de deur op slot blijft voor tientallen andere IS-kinderen met een Nederlandse achtergrond.

Het standpunt van de Nederlandse overheid liet de afgelopen jaren geen centimeter ruimte voor onduidelijkheid of interpretatie: actieve repatriëring van de kinderen van IS-strijders is geen taak voor de regering. Punt.

Er was een principieel argument: Nederland wil geen vanzelfsprekende veilige haven voor IS-nazaten zijn, omdat met hen ook ouders terug zouden moeten keren. En er zo potentieel nieuw fundament voor extremisme kan worden gelegd.

Daarnaast, en niet minder belangrijk, was er ook een praktische kant aan de houding van Nederland om niet pro-actief IS-kinderen uit de Koerdische kampen in Noord-Syrië te halen. Het gebied was te onveilig om het leven van Nederlandse militairen of diplomaten in de waagschaal te stellen.

Nu er in het spoor van een Franse actie wel twee IS-wezen naar Nederland komen, is in elk geval in het principiële uitgangspunt een eerste barst gekomen.

En ook dat het gebied te onveilig is om überhaupt naar af te reizen, geldt wellicht niet langer als blijkt dat er inderdaad een Nederlandse diplomaat aanwezig was bij de overdracht van de kinderen in Syrië.

Dat Nederland ondertussen al maanden geleden procedures opstelde met wat er moet gebeuren met kinderen die terugkomen, is een teken aan de wand. Deze uitzondering zal straks een precedent blijken.

Meer nieuws uit Opinie-Column

Keuze van de redactie