Premium

Meer respect Dakar-rijders

1/2

Een derde van alle nieuwe motoren die in Nederland wordt verkocht, is geschikt voor op de weg en in het zand. Deze zogeheten allroads zijn al jaren populair, met de zware BMW GS1200 als meest favoriete tweewieler. Logisch dat alle merken in dit segment proberen een graantje mee te pikken.

Met zo’n allroad kun je een wereldreis maken. Dromen van zo’n avontuur verkoopt. Maar daadwerkelijk zo’n trip maken, doen maar heel weinig mensen. En uitproberen wat je dure BMW GS in het zand allemaal kan, dat doet vrijwel geen enkele eigenaar. Want stel dat je valt. Je hebt zo maar een schade die in de honderden euro’s kan lopen. En daar komt nog eens bij dat je in Nederland vrijwel nergens op een zandpad welkom bent. Ga je toch met je motor het bos in, dan kan dit je een forse bekeuring opleveren.

Toch kopen jaarlijks ruim drieduizend motorliefhebbers een offroad waarmee ze alleen maar op het asfalt rijden. Doodzonde, zo redeneren ze bij Triumph die met de Tiger 800 en Tiger 1200 ook twee zandhappers in de etalage heeft staan. En nu ze daar ook een Scrambler aan toe hebben gevoegd waarmee je offroad kunt, willen ze graag op avontuur met iedereen die toch een keer wil kijken wat deze machines op onverhard terrein kunnen.

Daarvoor hebben ze een deal gesloten met de Gerard Rond, een oud motorcrosser die bij Loon op Zand achter een hek een enorm onverhard terrein vol stevige bulten, modder, los zand en bos rond een grote waterplas heeft. Dit terrein is bij alle Nederlandse Dakar-rijders bekend, want hier trainen zij volop. Maar ook Defensie maakt graag gebruik van het gebied als chauffeurs getraind moeten worden om in lastig terrein met hun jeep of vrachtwagen uit de voeten te kunnen.

Begeleid crossen

Je mag hier alleen onder begeleiding rondcrossen. Dat kan op je eigen motor, daarvoor betaal je dan 120 euro. Voor 150 euro extra krijg je een hele dag een Triumph tot je beschikking. Met een ongelukkige valpartij kun je die extra kosten er al uit hebben.

„Maar vallen is juist goed”, zegt begeleider Luc Branten. „Dan weet je hoe dat voelt en daar moet je ook mee leren omgaan. Zoals dat een motor veel zwaarder is dan je denkt. Als je denkt die op te vangen? Vergeet het in de meeste gevallen maar.”

Branten benadrukt dat de offroad-training geen race is. Iedereen rijdt op zijn eigen niveau en tempo. Je hoeft niets te doen wat je niet durft. Maar je kunt offroad veel meer dan je denkt, als je maar de juiste techniek toepast. En als je dat een beetje onder de knie hebt, beheers je je tweewieler veel beter en ben je ook op de verharde weg een betere motorrijder.

Toch wat onwennig stap ik op een Scrambler 1200. Alles begint heel simpel. Wat rondjes rijden over een grasveld, achtjes maken rond wat pionnen, slalommen en dan via een zandpad omlaag en via een helling met mul zand weer omhoog om bovenaan een krap bochtje te maken. Alles het liefst staand, maar zittend mag ook.

Als Branten het voordoet, lijkt het kinderlijk eenvoudig. Maar bij de helling maak ik meteen een beginnersfout. Bij het starten ben ik vergeten de motor in de offroad-modus te zetten en in het mulle zand verliest daardoor mijn achterband alle grip. Met mijn koppeling probeer ik te corrigeren. Helemaal fout. Voor ik het weet lig ik in het zand. Branten zet de motor recht, klopt bemoedigend op mijn schouder en legt uit wat ik allemaal verkeerd deed.

Respect

Ik krijg gedurende de dag steeds meer respect voor die Dakar-deelnemers. Offroad is leuk, maar slopend. En het feit dat ik slechts 1,70 meter lang ben, helpt ook niet echt want geregeld mis ik vaste grond onder mijn voeten als het mis dreigt te gaan. De beste optie is dan: gas geven. En zo leer ik meer. Dat verder vooruitkijken erg belangrijk is. Want je stuur volgt automatisch je blik. Je vizier op een boom voor een bocht richten is dus niet slim, je moet juist door de bocht kijken. En altijd je koppeling en rem met twee vingers bedienen, de overige vingers rond het handvat houden. Dat je koppeling dan wat slipt, is juist goed want dan heb je altijd trekkracht. En bij het staan moet je zo’n houding aannemen dat er nog een skippybal voor je buik past. Want dan kun je de klappen van de motor met je benen en armen goed opvangen.

Ondanks nog enkele valpartijen, wat schrammen en blauwe plekken begin ik wel steeds meer plezier in dit avontuur te krijgen. En merk ik dat ik op het eind van de dag dingen met de potige, zware Scrambler kan die ik van tevoren niet had aangedurfd.

Een dag later merk ik tot mijn eigen verbazing dat ik de lessen die ik in het zand heb geleerd al direct toepas op mijn eigen motor terwijl ik weer gewoon op het asfalt rijdt. Maar of ik ooit die avontuurlijke motorreis maak waarvan ook ik droom? Ik droom nog even verder. Het offroadrijden smaakt nu wel naar meer, al is het jammer dat dit vrijwel nergens in Nederland legaal mag.

Michiel Snik

www.triumphmotorcycles.nl

Meer nieuws uit Achtergrond

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.