Premium

Gaat Formule 1 toch naar Assen? De Drentse nuchterheid maakt het verschil, zeggen ze zelf

Gaat Formule 1 toch naar Assen? De Drentse nuchterheid maakt het verschil, zeggen ze zelf
Gamma Racing Day
© Foto Joris Brouwer

TT Circuit Assen is kansloos voor de Formule 1, stelt de Sportraad. In Drenthe blijven ze dat anders zien. ’Als wij de Formule 1 niet naar Nederland kunnen halen, kan niemand het’ Waarop is het volhardende optimisme gestoeld?

Met piepende remmen en krijsende banden rammen rookies oude BMW’s net even te hard de Geert Timmer-bocht in. Lee van Dam ziet het hoofdschuddend aan. „Mijn dochter wilde ook haar racelicentie halen. Ik heb het haar afgeraden. Het risico is veel te groot in dit soort wagens.”

De doorgewinterde organisator van motor- en autosportevenementen in binnen- en buitenland was ooit amateur-motorcrosser en teambaas van zijspankampioen Egbert Streuer, ook een Drent. In een wereld waar het draait om passie moet Van Dam zijn hoofd erbij houden. Dochter Hilde wordt zijn opvolger als directeur van marketingbureau LDP International. Extra reden om zuinig op haar te zijn.

Ambitie heeft Van Dam nog onverminderd. De inwoner van Assen doet er met Jos Vaessen (vooral bekend als oud-voorzitter van voetbalclub Vitesse, maar ook oud-voorzitter van TT Circuit Assen) en plaatsgenoot Theo Verdegem (voorzitter Motorclub Assen) alles aan de Formule 1 naar Assen te halen. Een geforceerd laatste hoogstandje van drie ouwe knarren?

Van Dam is 70, Vaessen 78 en financiële man Verdegem is 67 jaar. Het drietal is al decennialang bevriend en – minstens zo belangrijk – kan bogen op relevante ervaring. Van kolder in de kop is geen sprake, legt Van Dam kalmpjes uit. De Formule 1 komt in Drenthe in een gespreid bedje.

Dat begint al met investeerders in Londen, die bereid zijn de aan Formula One Management af te dragen jaarlijkse fee van twintig miljoen euro op te hoesten. „Ze gooiden er zelf een balletje over op bij mij. Zo van: ’wordt het niet eens tijd voor een Grand Prix in Nederland?’ Inmiddels meldt de een na de ander zich. Zwitsers, Duitsers, Engelsen, ze willen allemaal bijdragen aan Formule 1 in Assen. Waarom? Met een goede businesscase kan je áltijd geld krijgen. Eigenlijk is er niks spannends aan. Het is zoals Jos (Vaessen, red.) zegt: ’Als wíj het niet kunnen, kan niemand het’. Maar wel met noordelijke nuchterheid. Die heb je nodig in zo’n sport.”

Rood-wit-blauw

Wie de tweehonderd kilometer (vanaf Alkmaar of Amsterdam) in de auto ervoor over heeft, beseft al ruim voor aankomst bij TT Circuit Assen dat de racerij lééft in deze contreien. TT-reclame langs de A28, in een nota bene door de provincie Drenthe betaald frame, een eigen snelwegafrit – ook voor rekening van de provincie. Rotondes met racy ’kerbstones’ in rood-wit-blauw en op het laatste stuk vier rijbanen naast elkaar om bezoekers soepeltjes te leiden naar (en van) giga-parkeerterreinen direct naast The Cathedral of Speed.

Dat zorgt meteen voor een stevige financiële pijler, verklapt Van Dam. Vijftig euro per parkeerplek, dat is over een heel F1-weekend toch al gauw een miljoen euro. En geen ’Zandvoortse toestanden’ met verplichte treinkaartjes en shuttlebussen vanaf parkeerterreinen ver weg.

In een lift in het hoofdgebouw op het Drentse racecomplex drukt Van Dam op ’4’. Op de hoogste verdieping, en dan met name het dakterras, verwent hij zijn belangrijkste gasten met een riant uitzicht over nagenoeg het hele circuit. Wat dat betreft ideaal, zo’n vlakke baan zonder hoogteverschillen. In het oog springen direct de lege tribunes langs een groot deel van het traject. In totaal 55.000 stoeltjes, alleen gevuld tijdens grote evenementen (zo’n vijf per jaar), vertelt Van Dam.

Indrukwekkend zijn ook de ’vip-boxen’, waar bedrijven hun gasten kunnen ontvangen en waarvan het circuit er 34 heeft. „Is een lange wachtrij voor”, weet Van Dam. Op de bijbehorende op het zuiden gelegen balkons is het goed toeven, zelfs op een frisse maartse middag. Achter de pitboxen beneden staan peperdure sportauto’s voor op de openbare weg. Ze verraden wat voor volk er vanmiddag praktijkexamen doet in de raceschool-BMW’s. In de pitstraat staat een Renaultje Clio af te koelen. De coureur doet haar helm af en schudt het lange rode haar los.

„De pitboxen zijn net zo diep als die in Zandvoort”, weet Van Dam. „Voor de Formule 1 moeten ze zes meter worden verlengd.” Een rondje circuit zit er niet in, vanwege de examenstress. „Jammer, nu kun je het verste gedeelte niet goed zien. Dat is prachtig.”

In zijn kantoor aan huis, op een minuut of vijf van het circuit, ligt - natuurlijk niet toevallig - een oude krant met de saillante kop ’Van Dam promoot Zandvoort’. In het oog springt ook een ingelijste foto van Zandvoortse coureur Jan Lammers, beoogd sportief directeur van de Dutch Grand Prix op Zandvoort.

Zandvoort

Hij heeft niks tegen Zandvoort, wil Van Dam maar duidelijk maken. „Bij de laatste F1-race op Zandvoort in 1985 heb ik op verzoek van Bernie Ecclestone de start georganiseerd. Uiteraard inclusief pitspoezen, nog steeds mijn handelsmerk. Ik heb op Zandvoort veel meer gedaan. Onder andere de A1GP (soortgelijke raceklasse als F1, red).”

En nu dan? Zou Van Dam de Formule 1 niet willen doen voor Zandvoort, waar de koningsklasse van oudsher hoort? „Nog niet voor een miljoen”, zegt hij. „Ik zou het niet rond kunnen krijgen daar. Hoe wil je het oplossen met de tribunes? Uit ervaring weet ik dat je in de duinen niks mag bouwen. En de 590 vrachtwagens die de Formule 1 meeneemt, waar laat je die in Zandvoort?” Niet dat Van Dam eigenaar prins Bernhard van Circuit Zandvoort indirect wil betichten van luchtfietserij. „Hij heeft goede mensen om zich heen, weet wat hij doet. Ik zeg alleen: in Assen hebben we een dekkend businessplan.”

Van een bittere concurrentiestrijd met het duinencircuit is volgens Van Dam geen sprake. „Beide circuits hebben bestaansrecht. Voor de Formule 1 zitten wij op de reservebank tot eind deze maand. Als het Zandvoort lukt, ben ik de eerste om Bernhard te feliciteren.” Assen redt het prima zonder F1. „Wij hebben hier dit jaar voor het eerst de DTM (overgekomen van Zandvoort, red.), uiteraard de Gamma Racing Day en Motocross of Nations, zeg maar de Olympische Spelen voor motorcross waarvoor 45 landen elk drie rijders afvaardigen. Er wordt dan 26.000 kuub zand op het circuit gestort.” Hij grijnst. „Gaat de F1 in Zandvoort niet door, dan zijn wij er klaar voor.”

Advocaten van circuit in Assen: ’Brief Formula One Management goed lezen’

De brief van Formula One Management (FOM) over het exclusieve aanbod aan Circuit Zandvoort tot en met 31 maart lijkt een ander circuit in Nederland uit te sluiten. Niet als je goed leest, weerlegt het advocatenkantoor van de initiatiefnemers in Assen.

Het draait om de zin ’we will continue to pursue one of the many opportunities that exists in other cities, countries and regions outside of the Netherlands’ (als Zandvoort niet doorgaat). Volgens de juristen zegt dit helemaal niet dat FOM zich gaat richten op mogelijkheden buiten Nederland als Zandvoort afhaakt.

’Outside of the Netherlands’ moet volgens hen in samenhang worden gelezen met ’regions’ en slaat dus niet op ’other cities, countries’. ’Other countries’ zijn immers per definitie buiten Nederland, betogen de advocaten. Volgens hen had er anders wel gestaan ’many opportunities that exists outside the Netherlands’.

De link met Amsterdam, waar de F1-bazen zo aan hechten, is er óók als voor Drenthe wordt gekozen. ’Assen’ verzorgt dan een citydemo in de hoofdstad, kondigt promotor Lee van Dam aan.

Meer nieuws uit Achtergrond

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.