Gezonder dankzij technologie

Chris Dancy, ’the most connected man in the world’.© foto Anko Stoffels

De Amerikaan Chris Dancy gebruikt een waanzinnige hoeveelheid technologie om zijn lijf en leven te monitoren, om hem te helpen gezonder te leven. Technologie die positieve feedback geeft is veel beter in staat om ons te helpen te kiezen voor een gezonde levensstijl dan preventieakkoorden, vindt hij.

De dood laat regelmatig pushberichtjes achter op de telefoon van Chris Dancy. Via de app WeCroak laat Magere Hein de man die bekend staat als ’de meest connected persoon ter wereld’ een paar keer per dag weten dat aan het aardse bestaan een einde komt. Ook daar is een app voor.

Met behulp van technologie probeert Dancy zijn dood echter zo ver mogelijk voor zich uit te schuiven. Volgens een bericht van weer een andere app op zijn telefoon, lukt dat vandaag heel aardig. De lichaamsbeweging die hij eerder heeft gehad zorgt ervoor dat hij één uur en 28 minuten aan zijn leven heeft toegevoegd, meldt het algoritme van de app Deadline.

Dancy laat zijn doen en laten continu bijhouden en sturen door ’ruimschoots meer dan vijfhonderd’ apparaten en apps die hem helpen beter, gelukkiger en gezonder te functioneren. ’Technologie heeft mijn leven gered en kan ook het jouwe redden’, luidt de ondertitel van zijn boek ’Don’t unplug’, waarover hij onlangs in innovatiehotspot Epicenter in Amsterdam sprak.

Sensoren

De 50-jarige Amerikaan draagt niet alleen een smart watch die zijn hartritme in de gaten houdt, maar gebruikt talloze sensoren aan zijn lichaam en in zijn leefomgeving, die data over hem verzamelen. Een Fitbit-horloge houdt bij of hij genoeg beweegt, sensoren in zijn matras en of hij genoeg slaapt. Zelf houdt Dancy bij hoe zijn stemming is en of hij gezond eet.

Na de informatie aanvankelijk vooral te hebben gebruikt om zijn eigen eetgewoonten te onderzoeken, ontdekte Dancy door verschillende gegevens bij elkaar te leggen een aantal opvallende verbanden. Zo bleek er een samenhang tussen bepaalde activiteiten en stemmingen enerzijds en vreetbuien en ander gedrag waar hij later spijt van zou krijgen anderzijds. Dat konden bij Dancy pittige problemen zijn. Toen Dancy in 2002 begon met het bijhouden van zijn logboek, was hij veel te zwaar, slikte bij antidepressiva, had hij diverse afkickcentra van binnen gezien en rookte hij twee pakjes sigaretten per dag.

Inzichten die de patronen die hij in zijn data ontdekt, is Dancy gaan inzetten om zijn leven te beteren. Zo gebruikt hij nu de gps in zijn telefoon om zich te laten waarschuwen dat het misgaat als hij na half elf ’s avonds nog steeds in zijn favoriete kroeg zit. „Als ik dan toch blijf hangen, dan krijgt de barman een appje met het verzoek hem naar huis te sturen. Werkt ook dat niet, dan worden mijn vrienden ingeseind, zodat die kunnen ingrijpen.” Ook tegen woedeuitbarstingen tijdens telefoongesprekken met collega’s heeft Dancy een oplossing gevonden. Als hij zijn stem verheft, krijgt hij via een geluidssensor van knipperende lampen in zijn kantoor een signaal dat hij zelf even moet dimmen. ’Ik heb gemerkt dat er een patroon bestaat, dat als ik dingen zeg waar ik later spijt van heb, ik eerst harder en sneller ga praten. Ik zeg nooit dingen waar ik later spijt van heb als ik met een zachte stem spreek.”

Schoolvoorbeeld

Met positieve feedback is volgens Dancy veel te bereiken. „Daarvan ben ik het schoolvoorbeeld”, zegt hij. Ingrijpen met preventieakkoorden in de gezondheid van mensen zoals de Nederlandse overheid wil, ziet de Amerikaan niet zitten. „Ik vind het gevaarlijk als overheden zich bemoeien met gezondheid. Mensen zijn goed in staat zelf uit te maken of ze gezond willen leven of niet. Voor veel mensen is het ook gewoon niet realistisch. Ook in Amsterdam zie ik bijna alleen maar winkels waar er voor minder dan vijf euro geen gezond eten te vinden is. Wat moeten arme mensen dan? Wil je daar iets aan doen, dan moet je mensen belonen voor goed gedrag door ze daarvoor te betalen. Niet het slechte gedrag benoemen, maar positief zijn.”

Hoewel veel ongezond en asociaal gedrag het gevolg is van digitale verslavingen die door smartphones alleen maar in de hand worden gewerkt, helpt technologie ons ook weer menselijker te gedragen, zegt hij. „Je downloadt geen apps, je downloadt gewoontes. Nieuwe toepassingen in telefoons die mensen nu laten zien hoeveel ze op hun scherm zitten te kijken, zijn wat ik tien jaar geleden al zelf deed. Ik voel me net de cyborg-opa”, zegt Dancy.

Hoewel hij toch zelf geen chips of andere technologie in zijn lichaam heeft aangebracht, denkt Dancy dat dit er in de toekomst wel van zal komen. „Aangezien technologie niet te stoppen valt, kunnen we maar beter zelf technologie worden”, zegt hij. „We zullen over een paar jaar zelf onderdeel worden van het internet. Onze lichamen zullen eraan gekoppeld worden.”

Wouter van Bergen

Meer nieuws uit Achtergrond

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.