Wanbetalers? Stuur geen knokploeg

Illustratie: Mark Reijntjens

Ed Brouwer

Steeds meer mensen zetten hun carrière voort als zzp’er. In plaats van maandelijks een vast salaris, moeten ze rekeningen versturen. Dat gaat niet altijd goed. Hoe voorkom je dat je naar je centen kunt fluiten?

Cor van Beek heeft een eigen tekstbureau. Een van zijn opdrachtgevers is een relatiemagazine voor een grote verzekeraar. Het was altijd al lastig het geld voor zijn verleende diensten op tijd te ontvangen, maar onlangs kreeg hij een nieuw contract voor zijn neus. Het bureau vraagt akkoord te gaan met een betaaltermijn van drie maanden.

„Het is slikken of stikken”, zegt Van Beek. „Als ik bezwaar maak tegen die belachelijk lange termijn, dan zoeken ze gewoon een ander die daar geen probleem mee heeft.” Volgens Van Beek erkent de opdrachtgever dat het vervelend is zo lang op je geld te moeten wachten, maar dat het bureau zelf ook steeds langer moet wachten voordat het zijn centen van klanten krijgt. „Ze zeggen soms niet voldoende geld in kas te hebben om hun eigen personeel te betalen.”

Het probleem dat Van Beek schetst, geeft in een notendop de betalingsmoraal weer in Nederland. Rekeningen worden steeds later betaald, waardoor kleine en vaak financieel kwetsbare bedrijven in problemen komen. In het ergste geval wordt helemaal niet betaald en zijn juridische stappen nodig om het geld te incasseren. De journalisten Herman Jansen en Michel Knapen deden recent onderzoek naar de ’schimmige wereld van de incasso, aanmaningen en sommaties’. Ze ontdekten dat wanbetalers een plaag zijn voor het bedrijfsleven en besloten een boek te schrijven met tips en trucs om te voorkomen dat bedrijven naar hun centen kunnen fluiten.

Jansen en Knapen willen ondernemers helpen met het incasseren van rekeningen: ,,Weten wat wel en niet mag, kunnen meepraten met deurwaarders en advocaten, zeikerige boekhouders van repliek dienen en smoesjes doorzien", stellen de auteurs. Voor tekstschrijver Van Beek zal het alvast een teleurstelling zijn dat de betaaltermijn van drie maanden gewoon mag. De wetgever laat de termijn volledig vrij vanwege de wettelijke contractvrijheid tussen partijen. Het enige wat vaststaat, is dat betalen het ’verwezenlijken van de verschuldigde prestatie’ is: voor wat hoort wat. Wie zijn afgesproken dienst heeft geleverd, moet daarvoor worden betaald.

Maar wat als betaling achterwege blijft of als je er onfatsoenlijk lang op moet wachten? Je kunt de wanbetaler midden in de nacht opbellen en zeggen: ’Als ik er wakker van lig, dan jij ook’. Of je kunt, zoals een aannemer deed bij een niet-betalende villabewoner, alle hekken rond diens landgoed met kettingen vastmaken zodat de eigenaar niet meer op zijn terrein kon komen. Jansen en Knapen gaan eerst uitvoerig op wanbetalen en de wet in. Ze leggen uit hoe de nieuwe Wet Incassokosten en de Wet Bestrijding Betalingsachterstand in elkaar steken en wat die opdrachtgevers bieden om te kunnen incasseren. Aan bod komen ook voor- en nadelen van incassobureaus en deurwaarders, factoring (uitbesteden, factureren en incasseren) en wat te doen met failliete opdrachtgevers.

Eén belangrijke les loopt als een rode draad door het boek: ken uw opdrachtgever! Als je met iemand in zee gaat, zorg er dan voor dat je weet wie het is, controleer desnoods de bedrijfsgegevens bij de Kamer van Koophandel. Gaat een tot voor kort stipt betalende relatie plots slecht betalen, dan kan een goed gesprek soms helpen. Voor wie, ondanks het belang van het onderwerp, geen zin heeft het hele boek te lezen: in het laatste hoofdstuk staan vijftig eenvoudige regels voor het aanpakken van wanbetalers. Regel 42: stuur geen knokploeg.

Meer nieuws uit frontpage

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.