Hulp vragen voor verslaafde dierbaren

Dpd

Marja van Spaandonk

Relatie- en gezinscounsellor Marieke Proper (31) was tien toen een drugsverslaafd familielid bij haar thuis at en haar waarschuwde voor de gevaren van drugs. ‘Dan eindig je zoals ik’, zei hij. Bij andere familieleden mocht ze als kind niet logeren. In haar familie  – tantes, opa’s en oma’s van zowel haar moeders als haar vaders kant – hebben al generaties lang verslaving en psychische problemen gespeeld. Ze zag hoe haar familie zich om hen bekommerde, probeerde om hun dierbaren te helpen, taken overnam en daar zelf op zeker moment mee worstelde. Alle inspanningen konden niet voorkomen dat sommige verslaafde familieleden zijn overleden of gedwongen zijn opgenomen.

Toen Proper negentien was, voelde ook zij zich ‘heel verantwoordelijk’ voor haar zieke familieleden. ‘Ik nam ze mee uit winkelen, was aardig, nodigde ze uit voor het eten, maar werd vaak teleurgesteld in het contact. Met iemand die onder invloed is zit je niet op één lijn. Ik merkte hoe machteloos je staat, ook al doe je nog zo je best.’ Na jaren zwoegen en inspannen leerde ze om taken beter te delegeren en om hulptroepen in te schakelen. Andere familieleden trokken soms na jarenlang redderen hun handen af van het ‘probleemgeval’. ‘Dat zie je vaak. Mensen vinden iemand met een verslaving of een psychiatrisch probleem eng en houden zich soms liever afzijdig. Ik heb dat niet gedaan. Ik geloofde niet dat er geen oplossingen waren.’

Tips en informatie

Proper volgde opleidingen in de relatie- en gezinscounselling en in begeleiding van verslaafden. Ze opende een eigen praktijk in Gezondheidscentrum Muiden en schreef onlangs het boek Hulp in Zicht, handboek vol tips, informatie en steun voor mensen van wie een dierbare kampt met verslaving of met psychische problemen. Ze noemt het haar levenswerk. ‘Ik heb zelf gemerkt dat je in een spagaat gaat leven: je hebt gezonde mensen om je heen én mensen met een verslaving of psychische ziekte. Die werelden liggen ver uit elkaar. Ik hoop dat mensen door dit boek beseffen hoe belangrijk het is dat zij ook hun ‘gezonde omgeving’ betrekken bij het probleem. Dat ze vertellen hoe ze worstelen met een verslaafd familielid. Dat kweekt ook begrip voor henzelf. In het tv-programma Verslaafd zie je hoe families met hun verslaafde dierbare in een isolement kunnen raken en er bijna aan onderdoor gaan. Je mág om hulp vragen. Soms hebben anderen heel goede ideeën.’’

Valkuilen

Het stellen van grenzen en het zelf doormodderen met tante Bep of neef Jan – zonder hulp van de huisarts of anderen in te schakelen – zijn grote valkuilen, zegt ze. ‘Behandeling is de eerste noodzaak. Zeker bij verslaving hebben allerlei ‘oplossingen’ geen zin zonder professionele behandeling. Hulp inschakelen begint met een simpel bezoek aan de huisarts. Ik word daar vaak over gebeld: mijn vrouw of man drinkt elke dag een fles wijn, het gaat niet goed. Als ik vraag of de huisarts op de hoogte is, is dat meestal niet zo. Je hebt snel het gevoel dat je iemands privacy aantast, dat je zijn grenzen overschrijdt. Mensen zijn ook bang voor de boze reactie van hun familielid.’ Ook grenzen stellen is volgens Proper heel belangrijk: je laat je behandelen of ik kom niet meer. ‘Dat is een moeilijk moment, omdat iemand daarna echt kan afglijden. Ik vind ook niet dat je iemand helemaal los moet laten, maar je moet wel duidelijk maken: ik kan je tot hier helpen en niet verder. Blijf iemand wel als mens zien achter de ziekte.’

Proper adviseert in haar boek om vooral ook de huisarts in te schakelen. Toch kunnen die vaak nogal reactief, om niet te zeggen afwerend reageren, zeker wanneer een patiënt zelf volhoudt dat er niets aan de hand is. ‘Laat je niet wegsturen’, zegt ze. ‘Kaart aan dat het heel belangrijk is dat er aandacht is voor het betreffende familielid. Leg uit dat hij of zij heel goed de schone schijn kan ophouden. Een goede arts prikt daar doorheen. Familieleden vinden het ook lastig om aan te geven hoe ernstig de situatie is. Wees daarom concreet: hij of zij drinkt acht glazen per dag en ik merk dat hij of zij vergeetachtig is.’

Zorgen en klachten

Bij verslaving en psychische problemen hebben familieleden/vrienden volgens Proper vergelijkbare vragen, zorgen en klachten: hoe lang speelt dit al? Hoe schakel ik hulp in? Ik mis mijn dierbare van vroeger. Welke taken doe ik zelf, welke delegeer ik? Hoe ga ik er zelf niet aan onderdoor?  ‘Wanneer je vaak een machteloos gevoel hebt en moeilijk grenzen kunt stellen, weet je dat de tijd rijp is om ook voor jezelf hulp in te roepen. Je kunt de controle kwijtraken, de situatie niet meer aankunnen en de balans in je leven kwijt zijn. Ben je prikkelbaar en waak je als een soort agent over je dierbare, dan is het de hoogste tijd om er een ander bij te betrekken. Je neemt anders teveel verantwoordelijkheid op je.’

Meer nieuws uit frontpage

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.