’Ik eet net zo gemakkelijk een plofkip’

Henk Wildschut.

Leonie Groen
amsterdam

Clean ogen sommige van Wildschuts foto’s op de gister geopende expositie in het Rijksmuseum.

Lekker is het niet om naar foto’s te kijken van 96 bloedmonsters in ’deepwell blokken’ van evenzoveel verschillende dieren. Of naar het prototype van een ontbotter (volgens de begeleidende tekst een succesvolle machine). Andere foto’s, zoals die van een lopende band met kuikens en een kippenslachterij, wekken weerzin op. ,,Negen van de tien bezoekers zullen mijn foto’s verschrikkelijk vinden’’, zegt Wildschut. ,,Of ze hebben niet door dat het om voedselproductie gaat.’’

Maar afschuw is niet de emotie waar Wildschut op uit is. Tijdens zijn tocht langs boeren en industrie (hij kwam naar eigen zeggen overal gemakkelijk binnen) ontdekte hij dat de zaken helemaal niet zo zwart liggen ’als Wakker Dier ons wil doen geloven’. Volgens hem hebben biologische kippen dezelfde voorouders als die in de legbatterijen. Dus rijst de vraag: wat is dan nog biologisch? De bioboer, hoe leuk zijn bedrijf ook oogt, is volgens Wildschut ook niet altijd vriendelijker in het houden van dieren. ,,Een grootschalige kippenhouder toonde mij dat hij zijn dieren niet hoefde te ontsnavelen. Zijn dieren hadden glanzende kippenvachten zonder pikwonden. Later zag ik bij een bedrijf waar de diervriendelijke Rondeeleieren gekweekt werden dat die kippen gestrest waren. Kwam door de vele mensen die op die leuke boerderij een kijkje kwamen nemen. Kippen zitten daar niet op te wachten.’’

Wildschut vindt dat dogma’s, de hang naar nostalgisch, de vooruitgang tegenhouden. ,,De intensieve veehouderij heeft ook iets positiefs. Die maakt ons creatiever in het zoeken naar diervriendelijke oplossingen. Dat juich ik toe, want we gaan wereldwijd meer en meer voedsel consumeren. Grootschaligheid maakt ook dat je kunt investeren in zaken die wij belangrijk vinden.’’ Hij wijst op de foto van de varkenstoilet Pigsy. ,,Varkens doen van nature hun behoefte niet op de plek waar ze slapen. De wc komt tegemoet aan hun natuurlijk gedrag.’’

Hamvraag is nu: wat eet de fotograaf zelf? Liefst biologisch. ,,Vanuit het oogpunt van diervriendelijkheid. Ja, toch. En ik wil de biologische boeren steunen.’’ Maar hij neemt net zo gemakkelijk een bakje zogenaamde ’plofkip’ mee naar huis als het hem zo uitkomt. ,,Beide veehouderijen moeten naast elkaar bestaan.’’

Aan kweekvlees en kweekeieren (waar geen levende have aan te paskomst) is de fotograaf, die de serie maakte in opdracht van het Rijksmuseum, niet toegekomen. Hij vindt dat wel jammer. ,,Dat is het beste.’’

Meer nieuws uit frontpage

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.