’De geest wordt vrijer’

Seth Gaaikema.Foto ANP/Kippa/Freek van Asperen

Hanneke van den Berg

Zondag 5 januari zou hij zijn laatste show hebben gegeven in Groningen. Maar hij was ziek en moest zijn afscheid nog even uitstellen. Tot 19 januari, als hij alsnog voor de allerlaatste keer het podium aldaar betreedt.

Verscholen in een hoekje van de keuken van het grote, met boeken volgepakte, huis in Schijndel, dat hij deelt met echtgenoot Peter Biemans, haalt Seth Gaaikema herinneringen op aan zijn eerste keer op het toneel. „Het gymnasium dat ik bezocht, stond naast de Stadsschouwburg in Groningen”, vertelt hij. Zijn ogen krijgen een ondeugende glans. „In 1954 trad ik op met de schooluitvoering van ’De wiskunstenaars’ van Pieter Langendijk. Die klucht had beter ’De aandachttrekkende knecht’ kunnen heten. Ik had een vrij kleine rol, maar ik trok alle aandacht naar me toe. Dook op een verkeerd moment uit een kist, deed kiekeboe achter de deurpost. De regisseur was razend. Toen al bleek dat ik geen acteur, maar veel meer cabaretier was. Want dat is een cabaretier hè, een aandachttrekker.”

Geen weemoed

Op precies dezelfde plek speelt hij op 19 januari voor de allerlaatste keer zijn zowel kwetsbare als persoonlijke afscheidsprogramma ’Wat ik nog graag zou willen’.. Weemoed? Nee zo zou hij het gevoel waarmee hij afscheid neemt, niet willen omschrijven. „Het is eerder een ’natuurlijk’ gevoel. Dit was het dan, 55 jaar heb ik het hartstikke leuk gehad als cabaretier. Ik ben nu 74, de organisatie van zo’n tournee is een heel gedoe. Daar stap ik uit.”

Maar stoppen met werken? Bepaald niet. „Ik had altijd twee liefdes: cabaret en musical. Die laatste liefde gaat onverminderd door. Achter in de tuin heb ik een mooi huisje, dat met de zon mee kan draaien. Daar schrijf ik. Zodra ik ga zitten, komen de gedachten. Dat is een veel introverter proces dan in een auto met chauffeur naar Winschoten rijden en van acht tot half elf op het podium staan. Bij een optreden moet je een ster zijn. ’Vreet me maar op’, dát moet je uitstralen. Eindeloze kilometers maken, opdraven bij ’De Wereld draait door’, jezelf verkopen. Dat houdt een keer op.”

Hoewel hij in zijn laatste show breekbaar oogt, heeft hij er tot de laatste snik van genoten. „Ik heb het optreden met ontzettend veel plezier gedaan, maar ook krankzinnig lang. Als ik omkijk, word ik moe van mezelf. En toch heb ik altijd dat gevoel gehouden dat ik een luie man ben, vreemd hè.”

Gaaikema begon zijn carrière als tekstschrijver voor Wim Kan. Zijn doorbraak als cabaretier was in 1970 met de oudejaarsconference ’Tien miljoen geboden’. Zijn grote creatieve doorbraak beleefde hij al eerder, met zijn hertaling van de musical ’My fair lady’ in 1960. Hij bleef het bewerken en schrijven van musicals er altijd naast doen. De gevleugelde zinnen ’Als het effe kan, ja dan’ en ’Het Spaanse graan heeft de orkaan doorstaan’, uit zijn eersteling, ze doorstonden de tand des tijds, stelt hij tevreden vast. „Die zinnen zijn ín de Nederlanders gaan zitten. Dat zijn toch mooie dingen.”

De afgelopen tien, vijftien jaar zat hij het lekkerst in zijn vel. „Bij het ouder worden, wordt de geest steeds vrijer. Het kan me niets meer schelen wat mensen van me vinden, of ze het wel of niet met me eens zijn. Ik kies mijn eigen onderwerpen, creëer een sfeer die me zelf bevalt. Prachtige jaren zijn het geweest. Ik heb Liza Minnelli mogen ontmoeten: ’Op deze leeftijd krijgen de mensen niet alleen ons kunstje te zien, maar ze krijgen er ook een échte persoonlijkheid bij’, zei ze me.” Rake woorden, vindt hij. „Als ik zing over de pastorie in het noorden, op een steenworp afstand van de zee, dan weten mensen dat ík uit die pastorie kom.”

Hij is er trots op dat hij nooit boog voor de niet malse kritieken die hij soms kreeg als cabaretier. „Door de jaren heen ben ik trouw aan mezelf gebleven. In deze tijd van crisis is er behoefte aan echtheid, aan nuance, aan subtiliteit, passie en liefde. Zo was het in de tijd dat ik begon met studentencabaret ook. Maar in de hoogconjunctuur van de jaren ’90 ging het opeens om scoren, scoren, scoren. Zo grof mogelijk. Daar heb ik nooit aan meegedaan. Daardoor ben ik een tijd helemaal ’uit’ geweest. Het was niet gemakkelijk. Van elke nare kritiek lig je wakker. Maar toch ben ik mezelf gebleven: die domineeszoon die een betere wereld wil.”

Laatste show

Seth Gaaikema is met ’Wat ik nog graag zou willen’ op zondag 19 januari voor het allerlaatst te zien in de Stadsschouwburg Groningen.

Meer nieuws uit frontpage

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.