Muzikaal Wiener Wald

Mirjam van Twisk

Het Wiener Wald ligt er net zo mooi en verleidelijk golvend bij als een wals van Johann Strauss. De bosrijke regio bij Wenen heeft dan ook al eeuwen een grote aantrekkingskracht op de Weners, ook de componisten onder hen. Wat die er achterlieten zijn hun verhalen.

Johan Strauss vertelde ze na in zijn grote wals: 'Geschichten aus dem Wiener Wald'. Meeslepend, maar ook intiem, zoals dat mijmerende stukje solo op de citer. In de dorpen en stadjes van de regio zou het zomaar kunnen opklinken. Wat Strauss zelf betreft: zijn opera 'Die Fledermaus' speelt zich af in het kuuroord Baden bei Wien. Het stadje eert Strauss sr. en diens collega Lanner met een standbeeld als grondleggers van de Weense wals.

Strauss jr. was niet de eerste componist die zich daar liet inspireren. Mozart schreef er voor de plaatselijke St. Stephankerk zijn betoverende 'Ave Verum Corpus'. Het motet beleefde in de zomer van 1791 zijn première. Mozart speelde zelf de orgelpartij.

Ook Beethoven kwam er vaak, maar moest wel steeds een ander onderkomen zoeken. De buren zagen de, wegens zijn doofheid, luidruchtig musicerende componist niet graag terugkeren. Een van die huizen is nu toegankelijk voor publiek. Daar werkte hij aan onder meer de Messa Solemnis en zijn Negende Symfonie.

Pastorale

In het fraaie stadspark van Baden staat nu een groot Beethovenmonument. Vlak daarbij begint het pad waarlangs de componist de natuur in wandelde: de wereld waarin hij de sfeer opdeed voor zijn Zesde Symfonie: de 'Pastorale'. Dwalend in zijn voetspoor is al snel duidelijk hoe hij aan zijn impressies kwam: de beek, de vogels, het onweer. Alleen de herders ontbreken. Tja, het boerenleven is ook rond Wenen veranderd.

Beethoven maakte ook een aantal malen de 12 kilometer lange wandeling van Baden naar het cisterciënzer klooster Heiligenkreuz. Diep voorover gebogen, hoed op het hoofd, handen op de rug, zoals hij is afgebeeld? De monniken weten in elk geval nog te vertellen dat hij daar niet in de eerste plaats kwam voor het geloof. In de kapel zocht hij het orgel op, waarvan vooral de lage registers zijn voorkeur hadden. Die liet hij lekker dreunen, want muziek was voor hem een kwestie van voelen.

Na Beethoven kwam daar de romanticus Schubert, die op dat orgel het enige werk speelde dat hij voor zo'n instrument schreef. Dichtbij ligt ook de herberg Höldrichsmühle. Tussen 1820 en 1826 kwam de componist daar met zijn vrienden vaak op bezoek om de bossen in de trekken. De herberg, die er al in 1210 moet hebben gestaan, wordt overschaduwd door een oude lindeboom en de legende wil dat Schubert daar het lied 'Der Lindenbaum' componeerde. Het werd bekend als onderdeel van zijn cyclus 'Winterreise', een reeks liederen op tekst van Heinrich Müller die de gang van een man naar de diepste winter van het leven beschrijft.

Sissi

Voor het beleven van die liederen kan het besneeuwde Wiener Wald vast een passend decor zijn. Zou de componist Anton Bruckner zich dat hebben gerealiseerd toen hij zich in februari 1889 per slee naar de abt van het klooster Heiligenkreuz liet brengen? Kort daarvoor had zich in het nabije Mayerling een drama afgespeeld en daarover wilde Bruckner het naadje van de kous weten.

Kroonprins Rudolf, de enige zoon van keizer Franz Josef en keizerin Sissi, had in zijn paleis zelfmoord gepleegd, maar wat was daar precies gebeurd? Was het waar dat de prins zijn zeventienjarige bewonderaarster Mary had getrouwd om niet alleen te hoeven sterven? Had hij haar inderdaad eerst doodgeschoten en daarna zichzelf?

Nieuwsgierig als een kind vroeg hij het aan de abt, maar die beperkte zich tot de mededeling dat hij in Mayerling op een ongewoon uur een dode had gezegend. Voor de rest van het verhaal beriep hij zich op zijn zwijgplicht. Waarna hij vervolgde met een verzoek: zou meneer Bruckner wellicht genegen zijn om, nu hij er toch was, even in de kloosterkapel iets op het grote orgel te spelen?

Popsterren

In die kapel zingen de wellicht beroemdste levende musici van het Wiener Wald. Door hun cd 'Chant' met Gregoriaanse gezangen verwierven de monniken van Heiligenkreuz een paar jaar geleden wereldfaam als waren ze popsterren. Ze hadden de wereld kunnen bereizen, maar gaven de voorkeur aan hun opdracht: toegewijd studeren en les geven. Wie ze wil horen kan dagelijks terecht in de kapel, het oudste deel van het in 1133 gestichte klooster. Daar wordt om twaalf uur door het koor gebeden.

Vervolgens is het heerlijk om een wandeling te maken rond de kloostergebouwen in uiteenlopende bouwstijlen. Tot slot wacht in het uit 1190 stammende restaurant het abdijbier of anders wel een glas likeur of sekt van de abdij. Ook dat zijn sprankelende Geschichten aus dem Wiener Wald.

Wat & Waar

De afstand Utrecht-Wenen is 1115 kilometer. Van daaruit liggen Heiligenkreuz en Baden bei Wien op zo’n 40 km. In en om Baden bei Wien zijn wandelingen en fietstochten te maken, al dan niet met een gids. Info: www.baden.at en www.beethovenhaus-baden.at

Zo’n 12 km van Baden ligt het klooster Heiligenkreuz. Rondleidingen van maandag t/m zaterdag om 10, 11, 14, 15 en 16 uur. Op zon- en feestdagen: 11, 14, 15 en 16 uur. Dagelijks koorgebed 12.00 uur. Groepen van meer dan vijf personen van tevoren aanmelden. Info: www.stift-heiligenkreuz.org

Meer nieuws uit frontpage

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.