Hoeveel voedingsvezels moet ik eten?

Henriëtte Pot

Ad Heesbeen

Er bestaan allerlei verschillende typen voedingsvezels met elk hun eigen specifieke eigenschappen. Per dag wordt voor volwassenen geadviseerd om ongeveer 30 tot 40 gram voedingsvezels te eten.

Voedingsvezels zijn afkomstig uit de celwand van planten en worden grofweg verdeeld in twee groepen. De fermenteerbare vezels, die in de dikke darm door bacteriën worden afgebroken, de ontlasting soepel houden en daarmee de doorstroom door de darm bevorderen en de niet-fermenteerbare vezels die niet kunnen worden afgebroken, daarmee het volume van de darminhoud vergroten, de darmperistaltiek optimaliseren en zo de stoelgang bevorderen.

Voedingsvezels zijn dus belangrijk voor een goede werking van de darmen maar dragen ook bij aan het verzadigingsgevoel. Ook zijn er vezels die een gunstig effect hebben op het cholesterolgehalte.

Goede bronnen van voedingsvezels zijn groente, fruit, brood, peulvruchten en noten. Tijdens het productieproces van bloem gaat een groot deel van de voedingsvezels verloren. Daarom is het beter om voor volkorenbrood en volkorenpasta te kiezen in plaats van wit brood en gewone pasta. Het zelfde geld voor de productie van rijst. Kies daarom zoveel mogelijk voor zilvervliesrijst in plaats van witte rijst.

Op de verpakking van voedingsmiddelen kun je terugvinden hoeveel gram vezels het product bevat. De vermelding dat een product een ’bron van vezel’ is, betekent dat het minimaal 3 gram vezels per 100 gram bevat en de vermelding dat een product ’rijk is aan vezels’ houdt in dat het product minimaal 6 gram vezels per 100 gram bevat.

Meer nieuws uit frontpage

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.