Met dank aan de muizen

Ooievaars in de polder bij Eemnes, met dank aan de muizen. Foto: Caspar Huurdeman

Ooievaars in de polder bij Eemnes, met dank aan de muizen. Foto: Caspar Huurdeman

Ed Brouwer
Eemnes

Volgens kenners zijn er in veertig jaar niet zo veel muizen geweest. Daardoor barst het in de polder bij Eemnes van ’nieuw’ leven. De koereiger, velduil en ooievaar gedijen goed door de aanwezigheid van het knaagdiertje. Met een beetje geluk zijn de vogels te spotten vanaf een van de polderdijkjes.

Door de afgelopen zachte winter is het een ’goed’ muizenjaar. Dat ’goed’ plaatsen we tussen aanhalingstekens, want het hangt er natuurlijk maar vanaf hoe je het bekijkt. Zelf spreken we liever van een ’slecht’ muizenjaar, aangezien de vriendjes de woning zijn binnengedrongen, brutaal als ze zijn. Trouwens, niet alleen de onze, zo blijkt, want in de winkels zijn de muizenkorrels - zoals het gif in bedekte termen genoemd wordt - uitverkocht.

Maar goed, de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat de diertjes niet alléén maar slecht nieuws zijn. Want de ooievaar, bijvoorbeeld, heeft juist enorm baat bij de ruime aanwezigheid van het knagertje. Er zijn in de polder bij Eemnes dan ook sinds tijden niet zo veel ooievaars gesignaleerd. Sterker nog, de vogel lijkt op deze plek voor het eerst sinds de jaren van voor de Tweede Wereldoorlog weer helemaal terug.

Dan hebben we het nog niet eens over de velduilen die in dit gebied gespot zijn. Vogelaars kwamen deze zomer van heinde en verre om op een van de dijken hun telescoop uit te klappen in de hoop de in Nederland zeldzame roofvogel voor de lens te krijgen. Voor de witte koereiger die in de weilanden scharrelt, is wellicht wat minder belangstelling, maar bijzonder is de aanwezigheid van de vogel - die uit zuidelijk Europese streken is komen aanvliegen - wel.

Dat allemaal met dank aan de muis. Na de eerste schrik spreken we thuis overigens inmiddels over Mickey Blue Eyes, al slaat dat natuurlijk nergens op, want onze ongenode gast heeft waarschijnlijk zwartbruine ogen. Maar het bekt zo veel lekkerder.

Hoe dan ook, een paar jaar geleden maakten we een fijne wandeling over de dijken in de polder en door alle verhalen over dit nieuwe leven nu hebben we weer zin in dit polderlandschap dat sowieso een bijzonder weidevogelgebied is.

Nazomerdag

Dus zetten we de auto op een winderige nazomerdag neer op de parkeerplaats bij Theetuin Eemnes, een met veel bomen en ander groen omgeven, sfeervolle horecagelegenheid. We kunnen niet om het ooievaarsnest heen, hoog boven ons, aan de overzijde van de weg. Daar heeft dit jaar voor het eerst sinds 1912 een paar met succes gebroed.

We gaan een klaphek door en stappen de dijk op. In een weiland turen twee blonde paarden flank aan flank mistroostig over het groene land. We naderen de eerste waai op de route, een kolkgat dat ontstaan is na overstromingen uit de tijd dat er nog werd gesproken van de Zuiderzee. Twee jonge witte zwanen glijden door het water.

Een ooievaar zweeft breed boven ons, als wil het beest ons niet teleurstellen in onze hooggespannen verwachtingen. Molshopen brengen een donker patroon aan op de groene dijk.

Onder onze zware wandelschoenen weet een muis nog net het vege staartje te redden en schiet schielijk in een holletje. Bij nader inzien is de dijk net een gatenkaas, doorboord met talloze muizengaatjes. De holletjes zijn zo gaaf en rond dat het lijkt alsof ze met een scherp voorwerp zijn uitgestoken.

Bloeiende grassen kleuren de waterkant van een waai donkerroze. Een reiger vliegt weg, de kop ingetrokken. In de verte licht het Eemmeer op, als een blauwe streep in een groen landschap. Bootjes varen onder hoge windmolens.

Het landschap is een patroon van witte lijnen; boven een berm met witte kelkvormige bloemen zwemmen witte zwanen in het meer, onder witte windmolens en witte wolken. We lopen langs strak en vers afgestoken vaartjes naar een vogelhut.

Weer terug op de route passeren we het Heinellensluisje, een afwateringssluisje in de Zomerdijk dat nu geen functie meer heeft. Het wordt als cultureel erfgoed beheerd, net als de Zomerdijk die is aangelegd omstreeks 1306 om het moerassige gebied ten westen van de Eem te ontginnen.

Een zilverreiger tekent spatwit af tegen de blauwe hemel. De laatste boterbloempjes bespikkelen de berm met glanzend geel. Een veld vol ganzen vliegt op en maakt een Eschertekening in de lucht. Van de velduil geen spoor.

Wat & waar

Lengte: ongeveer acht kilometer

Start en einde: parkeerplaats Meentweg

Horeca: Theetuin Eemnes

Honden: aan de lijn

Route: door onder meer opstaphekjes niet geschikt voor mensen die slecht ter been zijn

Download hieronder de pdf van de wandeling.

Meer nieuws uit frontpage

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.