Dans in messcherpe tutu's

Jorma Elo tijdens een repetitie bij Het Nationale Ballet. Foto Altin Kaftira

Jorma Elo tijdens een repetitie bij Het Nationale Ballet. Foto Altin Kaftira

Jorma Elo tijdens een repetitie bij Het Nationale Ballet. Foto Altin Kaftira

Jorma Elo tijdens een repetitie bij Het Nationale Ballet. Foto Altin Kaftira

1 / 2
Nanska van de Laar

Dit jaar is het tien jaar geleden dat Jorma Elo (1961) als danser afscheid nam van het Nederlands Dans Theater. Nu is hij terug, maar dan bij Het Nationale Ballet en niet als danser maar als choreograaf. Voor het programma ’Dutch Doubles’ creëert hij een choreografie voor 24 dansers, die gekleed worden in creaties van het bekende modeduo Viktor en Rolf.

Het wordt voor Elo zijn debuut bij Het Nationale Ballet, maar als choreograaf heeft hij al wereldwijd naam gemaakt. ,,Het is fantastisch om nu hier in Amsterdam te mogen werken. Ik heb vroeger overigens wel serieus overwogen om bij Het Nationale Ballet auditie te doen als danser. Ik danste nog in Finland toen Rudi van Dantzig bij ons zijn ’Four last songs’ kwam instuderen. Ik had nooit eerder met een choreograaf gewerkt die zich zo toelegde op de menselijke gevoelens en op jou als persoon. In het begin vond ik het zelfs beangstigend dat iemand zo dicht bij je wilde komen, maar Rudi was zo’n fijne man dat ik al snel gerustgesteld was. Hij ging echt dieper in op je eigen emoties. Die zijn voor mij als choreograaf ook belangrijk. Als ik met een groep dansers werk, wil ik ook weten wie ze zijn en waar ze vandaan komen.’’

Of die kennismaking met Van Dantzig ten grondslag heeft gelegen aan Elo’s ambitie om zich toe te leggen op choreografie, vindt hij moeilijk te zeggen. ,,Het is niet zo dat ik tijdens mijn danscarrière voortdurend de wens heb gehad om choreograaf te worden. Het idee om zelf iets te maken is gaandeweg gegroeid. Bij het Nederlands Dans Theater geven ze dansers de ruimte om zelf te creëren. Het is een soort speeltuin en toen ik zelf mee ging doen als maker werd in steeds grotere mate mijn passie aangewakkerd om ook daadwerkelijk zelf professioneel choreograaf te worden.’’

Fabuleus

Inmiddels heeft de Fin meer dan vijftig werken op zijn naam staan, onder meer gemaakt voor gezelschappen als het New York City Ballet, American Ballet Theater, het Bolsjoi Ballet en Boston Ballet. Aan laatstgenoemde groep is hij ook als huischoreograaf verbonden. Niet dat hij fulltime aan de andere kant van de oceaan zit, want Elo is veel in Den Haag waar zijn vrouw - Nancy Euverink - directeur is van de dansvakopleiding van het Conservatorium. ,,Ik ben niet lui geweest, maar ik ben dan ook pas vrij laat als choreograaf gaan werken en had dus wat in te halen. Maar ik heb ook de meest geweldige instrumenten om mee te werken. Ik vind het fantastisch om mijn dagen door te brengen in de studio. Ik blijf me verwonderen over wat dansers kunnen.’’

Elo vraagt ook niet niks van zijn dansers, blijkt uit een repetitie vol complex liftwerk en dynamiek in het bovenlijf. Waar hij in andere creaties modern en klassiek ballet meer laat samensmelten, voert nu bij Het Nationale Ballet toch de klassieke ballettechniek de boventoon. ,,Ik ben oorspronkelijk opgeleid in Graham en Cunningham (moderne danstechnieken, genoemd naar de gelijknamige dansvernieuwers, red.), maar het klassiek ballet is voor mij wel een eye opener geweest. Dat was in de tijd dat Baryshnikov een grootheid was. Hij was ook mijn idool. Het klassiek ballet heeft mij echt wel geïnfecteerd met het dansvirus. Los daarvan, Het Nationale Ballet is fabuleus als het om de klassieke ballettechniek gaat en daar maak ik graag gebruik van.’’

Droefheid

Voor zijn choreografie voor ’Dutch Doubles’ vond Elo inspiratie in het Isabella Gardner Museum in Boston. ,,Een museum waarin de privécollectie van Gardner is ondergebracht met echt geweldige werken. Maar ik proef er ook een onderliggende droefheid. Want waarom verzamelt iemand zoveel. Is dat vanuit een gemis? Datzelfde gevoel vond ik ook terug in de muziek van Van Beethoven die ik voor dit werk gebruik.’’

Elo werkt in Amsterdam met acht solisten en een corps de ballet. De danseressen uit dat corps de ballet dragen straks vierkante tutu’s. Een uitdaging voor Elo, want traditioneel heeft een tutu een ronde vorm. ,,Ze zijn heel mooi van structuur en heel scherp. Zelfs zo scherp dat het de huid beschadigt, daar moeten we nog even iets aan doen. Normaal heeft een tutu een bepaalde zachtheid, duw je het in als een spons. Deze van Viktor en Rolf buigen niet en daar moet je wel rekening mee houden als choreograaf.’’

De Fin was al bekend met het werk van Viktor en Rolf en heeft het duo ook min of meer de vrije hand gegeven in het ontwerp van de kostuums. ,,In hun couture collectie zie ik ook van die tutu-achtige ontwerpen, van harde materialen in verschillende vormen. Ik heb ze dan ook alleen gezegd dat ik van tutu’s hou en wat ze hebben ontworpen voor mijn ballet vind ik geweldig.’’

Dans

’Dutch Doubles: Hans van Manen & Remy van Kesteren, Jorma Elo & Viktor & Rolf, Ton Simons & Rineke Dijkstra en Juanjo Arqués & Krijn de Koning’, door Het Nationale Ballet. Te zien: 16 april t/m 7 mei in Nationale Opera & Ballet in Amsterdam.

www.operaballet.nl

Meer nieuws uit frontpage

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.