'Cabaret is vooral passie'

Evert de Vries: 'Zaak is dat get talent overeind blijft'. Foto Diederik van der Laan

Freek de Jonge. Foto ANP/Kippa

1 / 2
Hans Visser
Amsterdam

Het Nederlandse cabaret werd geboren in Amsterdam en werd daar ook groot. Toch had de stad nooit een groot cabaretfestival. Totdat Evert de Vries het Amsterdams Kleinkunst Festival bedacht.

Deze zondag begint editie nummer 27. In Bellevue wordt dan de Annie M.G. Schmidtprijs uitgereikt voor het beste kleinkunstlied van het afgelopen jaar. Maandag brengen tal van Nederlandse artiesten in het Delamar Theater een hommage aan Freek de Jonge en in Klein Bellevue begint op 18 april het concours om de Wim Sonneveld prijs.

,,Het is geen festival om het feestje'', zegt De Vries. ,,Het cabaret is uit bevlogenheid geboren. Met dit festival willen we het oude eren, de huidige kwaliteit onderhouden en het nieuwe stimuleren.''

De Vries geeft ook leiding aan de Paul van Vliet Academie en regisseert. Hij put voor dat alles uit zijn ervaring als cabaretier. ,,Je hebt er passie voor nodig, maar het is ook een vak: schrijven, theatermaken en het spelen.''

Finale

,,Deelnemers aan het concours worden dan ook naar de finale begeleid en krijgen de kans om tijdens een tournee verdere podiumervaring op te doen.''

De Annie M.G Schmidtprijs is in dat licht een voorbeeld van wat een goed lied moet zijn: ,,Want er wordt door tekstschrijvers wat afgefröbeld in dit land. Je mag gerust modern zijn, maar veel hoort toch echt thuis tussen de schuifdeuren. Schrijven voor het theater is een ambacht zoals Boerstoel, Van Dongen en Torn dat kunnen. Waar zijn intussen de artiesten die van zulke teksten op het toneel iets bijzonders maken? Mensen als Jenny Arean, Wieteke van Dort en ook Karin Bloemen?''

Somber over de toekomst is De Vries beslist niet. Onder de deelnemers aan het concours zitten genoeg beloften. Hij denkt aan Yvon van den Erenbeemt of anders wel Flip Noorman. ,,Een zanger die denkt vanuit het lied, een rauwe jongen als Maarten van Roozendaal. Hij spettert, is dynamisch als Brel. Als je hem op het toneel ziet staan, vind je hem bijna gevaarlijk.''

,,De jury zal ze beoordelen. Zaak is dat dit talent na het concours overeind blijft. Louise Korthals bijvoorbeeld, winnares van 2011, zal zich beslist ontwikkelen. Die blijft.''

Er komt veel talent van de theateropleidingen, maar interessant noemt hij ook nog steeds degenen die het op eigen kracht proberen: ,,Bij wie het bloed kruipt waar dat niet gaan kan. Cabaret is een soort moeten, een passie. Je doet het omdat je niet anders wilt en niet kunt.''

,,Het heeft misschien, ook wel iets te maken met narcisme. Een cabaretier moet hoe dan ook iets magisch hebben. Een artiest die in zijn gewone kleren op het toneel staat? Dat kan niet, dat ontneemt je de onontbeerlijke magie. Je moet als publiek in de zaal gaan zitten met het gevoel: er gaat iets bijzonders gebeuren.''

Freek

Een parade van kleinkunstenaars brengt maandag een hommage aan Freek de Jonge, die dit jaar 70 wordt. In het Delamar Theater worden zijn liedjes gezongen door onder anderen Karin Bloemen, Acda en de Munnik, Liesbeth List, Brigitte Kaandorp, Herman Finkers, De Nits, Erik van Muiswinkel en Vera Mann.

,,Voor Nederland is zo’n programma toch iets bijzonders’’, vindt Evert de Vries. ,,Wie wordt in Nederland bij zijn leven al geëerd? We begonnen ooit in Klein Bellevue met Drs. P. Een avond met onder anderen Adèle Bloemendaal, Gerard Cox en Ivo de Wijs. Een groot succes, zodat we later met de hommage naar het Nieuwe de la Mar konden gaan, net als ons concours om de Wim Sonneveldprijs. Het leuke van zo’n hommage is dat iedereen meedoet voor bij wijze van spreken een fles wijn.’’

Het festival begon in 1988 toen initiatiefnemer Evert de Vries in theater Iboya, een soort nachtclubachtige ruimte, een reeks van programma’s presenteerde. ,,Daar stonden bijvoorbeeld Lat Pat, de Berini’s, Drs. P., Bram Vermeulen, Hans Dorrestijn. Kortom: kleinkunst in de breedste zin van het woord.’’

Anders

Omdat die programma’s ook buiten het festival waren te zien besloot hij dat het festival iets ánders zou moeten bieden. ,,Iets aanvullends op het bestaande theateraanbod. Zoals een hommage aan iemand uit het vak en een concours. Onder de eerste deelnemers waren Stef Bos, Niet Uit Het Raam en Job Schuring. Cox Habbema bood als directeur ’haar’ Stadsschouwburg aan om daar de finale te houden. Natuurlijk paste kleinkunst niet bij dat theater, maar ze introduceerde ons na twee jaar wel bij het Nieuwe de la Mar en daar zijn we gebleven.’’

Het festival bracht ook spraakmakende theaterproducties voort over Wim Kan, Johnny Jordaan, Simon Carmiggelt, Johnny en Jones, Dirk Witte, Snip en Snap, Lurelei en Brel. Nieuwe plannen zijn geheim, maar veelbelovend.

Annie M.G. Schmidtprijs: Bellevue, 6 april; Hommage: Delamar, 7 april. Concours: Bellevue, 18, 19 april. Finale: Delamar, 21 april. Info:

amsterdamskleinkunstfestival.nl

Meer nieuws uit frontpage

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.