Baantjer: zo plat als een dubbeltje

Hanneke van den Berg

Als hij opkomt, krijgt hij een open doekje. Inspecteur De Cock (met C-O-C-K) is nog steeds een geliefd personage, een soort kruising tussen Hercule Poirot en Columbo.

Met zijn regenjas en geruite hoedje maakte Piet Römer hem onsterfelijk. De oer-Hollandse televisieserie Baantjer is een van de meest populaire televisieseries ooit. Nu is Baantjer weer tot leven gewekt, in een door Peter Römer (de zoon van Piet) geschreven toneelversie. Hij heeft goed gekeken naar de structuur van de serie, die, wel zo prettig voor de herkenbaarheid, volgens een vast stramien verlopen.

De voorstelling begint verrassend, met een try-out van een liedjesprogramma in een theater. Even wordt het publiek op het verkeerde been gezet, maar al snel valt het eerste lijk uit de kast, of in dit geval uit de trekkenwand. En gelukkig komt ook al snel inspecteur de Cock (Peter Tuinman) op de proppen, al is hij officieel met verlof en zou assistent Vledder nu eindelijk de kans krijgen om te schitteren. Verdacht zijn de theaterbewoners, waaronder de directeur en de financieel verantwoordelijke man, maar ook de toneelknecht en een vriendin van het slachtoffer. Binnen de kortste keren blijkt dat iedereen wel een duister geheim met zich meedraagt en daarmee een motief voor de moord.

Grappig is dat het publiek als getuige wordt ondervraagd. De herkenbaarheid is groot: vertrouwde personages, een overbekende verhaallijn, eeuwig dezelfde grapjes en zelfs de herkenningstune van de serie, met de mondharmonica van Toots Thielemans. Afgezien daarvan is Baantjer zo plat als een ouderwets dubbeltje. De bordkartonnen personages komen weliswaar tot leven, maar ze blijven eendimensionaal.

Baantjer. Tekst: Peter Römer. Regie: Frank van Laecke.Bijgewoond: 7 okt, Delamar, Amsterdam. Speellijst: zie www.niehevanlambaarttheater.nl

Meer nieuws uit frontpage

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.