Prettig Servisch stelletje

Mirjam van Twisk

Servië telde in 2011 slechts 11.000 Nederlandse toeristen. Dan kun je twee dingen denken. Of: er zal wel niets te beleven zijn in Servië. Of: daar wil ik juist naar toe, want eindelijk een Europese bestemming zonder hordes toeristen. Een weekend op stap in de steden Belgrado en Novi Sad.

Het rammelt en het rommelt in Belgrado, de stad die ooit de hoofdstad was van heel Joegoslavië en in alles nog altijd ’hoofdstad’ uitstraalt. Brede avenues met hoogbouw en pronkarchitectuur uit Joego-tijden,  imposante godshuizen voor elk geloof en voetbalstadions waar meer dan 50.000 toeschouwers een van de twee voetbalclubs, Rode Ster of Partizan, kunnen toejuichen. Kraakpanden veranderen in nachtclubs. Roma verkopen telefoons langs de weg. In parken wordt naar hartenlust gebarbecued.Belgrado lijkt op geen enkele andere Europese hoofdstad en dat maakt de stad zo leuk.

Ralph van der Zijden woont sinds anderhalf jaar in Belgrado. Voor zijn werk was hij al vaak op de Balkan en het beviel hem daar zo goed, dat hij op een dag de knoop  doorhakte en vertrok.

In Belgrado startte Van der Zijden een bedrijfje dat fietstochten door de stad verzorgt. Hij neemt me mee op een 35 kilometer lange fietsroute, die langs de belangrijkste bezienswaardigheden van de stad voert: het fort Kalemegdan, Hotel Jugoslavija, de Genex-torens en de stadsstranden op het eiland Ada Ciganlija. Als we uitkomen in de voorstad Zemun, zoeken we Radetsky op. In deze open bar drinken de vissers een glas rakia bij een prachtig uitzicht op de brede Donau. Bij hen kopen we vis die voor een paar euro ter plekke wordt gegrild.

Partystad

Belgrado heeft een reputatie als partystad. Het wemelt er van de café’s, kroegen en clubs. Om de leukste tenten te ontdekken, kun je best iemand aanspreken met wie je denkt wel een borrel te kunnen drinken. Geheid dat je dan op plekken komt die je anders nooit gevonden had.

Ik word op sleeptouw genomen door Boris Vlastelica van de lokale band Repetitor. De avond begint met een drankje op de Brodic, een drijvend café op de rivier Sava. We kijken uit op de gloednieuwe brug Most na Adi, die ’s avonds met blauw licht wordt verlicht.

Ons volgende adresje is BIGZ in de wijk Senjak. Dit gebouw van tien verdiepingen huisvestte ooit de nationale drukkerij van Joegoslavië. Nu worden de etages bevolkt door creatievelingen. Boris repeteert er met zijn band op de negende verdieping. Met een fles LAV-bier zoeken we het grote terras op vanwaar het uitzicht over de nachtelijke stad fenomenaal is.

Als afsluiter neemt Boris me mee naar Dvoristance, wat kleine binnenplaats betekent. Deze club ligt pal aan het spoor. Alleen een open hekwerk scheidt ons van de rails. Zo gebeurt het dat midden in de nacht een locomotief op armlengte voorbijsnelt, terwijl we aan een laatste abrikozenrakia nippen.

De volgende dag zetten we in een huurauto koers naar het noorden, naar Novi Sad. We stoppen voor de lunch bij de plattelandsboerderij Perkov salaš, waar de charmante 70-jarige Nikola ons rondleidt. Zittend aan lange tafels op de heuveltop kijken we uit over het nationaal park Fruška Gora. Het gebied van Fruška Gora telt tientallen, vaak geïsoleerd gelegen orthodoxe kloosters uit de vijftiende tot achttiende eeuw, die een bezoekje meer dan waard zijn.

Uitzicht

Eenmaal aangekomen in Novi Sad, de tweede stad van Servië, beginnen we met een bezoek aan het fort Petrovaradin waarvan de eerste steen in 1692 werd gelegd. Het fort torent hoog boven de Donau uit en je hebt er dus een goed uitzicht op de stad, die aan de andere kant van de rivier ligt. Het is een prima plek voor een eerste oriëntatie.

De klokkentoren van het fort is het symbool van de stad. De tijd ervan aflezen kan ietwat verwarrend zijn: de kleine wijzer is voor de minuten, de grote voor de uren. In de zomer vindt in het fort het muziekfestival EXIT plaats dat duizenden mensen uit de hele wereld trekt.

Novi Sad is met 200.000 inwoners de tweede stad van Servië. Het heeft verbazingwekkend veel te bieden. Het is er druk op straat en ook op een doordeweekse dag zitten de terrassen en café’s tot de laatste stoel vol. Het centrale plein, het Trg Slobode, is omzoomd met fraaie neoklassieke gebouwen. De rust in de recent gerenoveerde kathedraal doet ons goed.

De straat Dunavski kent enkele aangelegen binnenplaatsen, waar je terechtkunt voor een lekkere cappuccino. En later op de dag is Laze Teleckog de straat waar het gebeurt. In deze aaneenrijging van kroegen feesten de vele studenten van de stad tot het ochtendgloren.

Als we even uitrusten op een bank in het Donaupark, zijn we het er al gauw over eens dat Novi Sad samen met Belgrado een prettig en meer dan betaalbaar duo vormt voor een lang weekend weg.

Meer nieuws uit frontpage

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.