Een hilarisch boek

Nanska van de Laar

Twee Nederlandse theatermakers krijgen van Italiaanse collega’s het verzoek of zij hun stuk over Rousseau mogen opvoeren in het prestigieuze Teatro Olimpico in Vicenza. De twee raken zo verblind door dit eervolle aanbod, dat zij elk gevoel voor realiteit uit het oog verliezen.

Kees ’t Hart (1944) schildert hen in zijn boek ’Teatro Olimpico’ af als een stel idealistische sukkels, naïef, goedgelovig, levend in een eigen ideeënwereld.

Feitelijk is heel ’Teatro Olimpico’ één lang uitgesponnen grap. ’t Hart koos voor de vorm van een subsidie-aanvraag achteraf, om de beide theatermakers schadeloos te stellen voor de immense kosten die zij uit eigen zak betaald hebben. Uitvoerig schetst de opsteller van de aanvraag, ene Kees, hoe het allemaal gelopen is: het uitzonderlijke aanbod, de communicatieproblemen met Italië, de eindeloze reeks misverstanden, de bijna dagelijkse personeelswisselingen in Vicenza waardoor Hein en Kees telkens bij andere mensen terecht moeten en gemaakte afspraken van nul en generlei waarde blijken te zijn. Wanhopig proberen de twee in deze chaotische hel de inhoud van hun stuk overeind te houden, maar ook daarover blijken de Italianen andere ideeën te hebben.

’Teatro Olimpico’ is, dankzij de scherpe pen van ’t Hart, hilarisch om te lezen. Toch bekruipt je op de helft het gevoel dat je het nu allemaal wel weet, dat ’t Hart zichzelf begint te herhalen

Fictie

Kees ’t Hart: Teatro Olimpico. Uitg. Querido, €18,99

Drie sterren

Meer nieuws uit frontpage

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.