Fred gaat voor halve eeuw Huis te Manpad

Fred van der Hengst met zoon Bas op het Huis te Manpad: ,,De natuur is elke dag anders’’.© Foto United Photos/Toussaint Kluiters

Sjaak Smakman
Heemstede

De halve eeuw wil hij in elk geval nog vol maken. Niet alleen omdat Fred van der Hengst dan in de top drie van langst dienende tuinbazen op Huis te Manpad komt, maar ook omdat het nu eenmaal zijn lust en zijn leven is. ,,Het is gewoon schitterend. De natuur is altijd weer anders, ik geniet er elke dag van.’’

Nog vijf weken, dan is Van der Hengst precies 47 jaar werkzaam op de buitenplaats aan de Herenweg: op 1 maart 1970 begon hij als tuinman. Een vriend die in dienst ging, vroeg of de toen in de bollen werkzame Van der Hengst zin had om zijn baan over te nemen. Dat wilde hij wel. De bollen bevielen wel, maar bij tuinen lag zijn hart toch veel meer. ,,Mijn opa had een grote groentetuin en als we daar waren hielp ik altijd mee. Ik vond dat echt schitterend’’, herinnert hij zich.

Meneer Visser

Hij kwam in dienst bij ’meneer Visser’, zoals Van der Hengst Jan Visser consequent noemt, die het destijds vervallen buiten in 1953 had gekocht van de familie Van Lennep en het helemaal opknapte. Hij was er als diplomaat - als laatste functie ambassadeur in Zweden - zelf alleen in de zomervakantie, maar toen Van der Hengst begon was Visser juist gepensioneerd. Van der Hengst bewondert hem voor zijn inspanning om de buitenplaats in oude glorie te herstellen, maar hij was bepaald geen sociaal voelende man, zegt hij. ,,In al die jaren heb ik één keer een kop koffie van hem gekregen, voor een verjaardag.’’

In die jaren is hij ook maar ooit één keer in het huis zelf geweest, toen hij de tafel moest helpen dekken voor een diner. Geen succes: ,,Ik zette de borden op tafel en legde er vorken en messen naast. Dat was dus helemaal fout. Er moest allerlei bestek naast en met een centimeter erbij werd alles neergelegd (..) Ach, als ik dan al die oude glorie zag binnenkomen, moest ik er ook wel om lachen.’’

Kruiwagen

Goed materiaal voor de tuinmannen was er nauwelijks. Een stokoude gemotoriseerde grasmaaimachine, verder ging alles met de hand. ,,Er was grote snijbloementuin om het huis van boeketten te voorzien. Daar kwam één keer per jaar tien kuub mest voor. Die moest ik als jongste dan met de kruiwagen naar de tuin brengen, honderd keer op en neer. Op een gegeven moment kwam meneer Visser er aan lopen en vroeg aan de oude tuinbaas: houdt hij dat wel? Ik dacht: hè hè, eindelijk ziet hij het. Maar ik vergiste me. Hij bedoelde: is dat niet te zwaar voor de kruiwagen.’’ Lachend: ,,Had ik het even mooi mis.’’

Hoe anders was de veel jongere Nicolette van Wijk, met wie Visser kort voor zijn overlijden in 1985 trouwde. Met haar heeft hij ontelbare kopjes koffie gedronken. ,,Ik kon lezen en schrijven met haar. Het was ook altijd je en jij. Alleen als er gasten kwamen, dan spraken we elkaar aan met meneer en mevrouw. Achteraf moesten we daar dan altijd verschrikkelijk om lachen.’’

Mercedes

Van Wijk bleef tot haar dood in 2005 aan de Herenweg wonen, al had Visser zijn buiten voor zijn overlijden ondergebracht in een stichting om te voorkomen dat Huis te Manpad weer in verval zou raken. Van Wijk bedacht Van der Hengst met haar auto: een Mercedes 350 SL Cabriolet. Hij staat nog altijd in de werkschuur en Van der Hengst heeft er ook wel in gereden. Niet vaak: ,,Als je hem vol tankt ben je 140 euro kwijt en als je van hier naar Den Haag rijdt is hij al half leeg.’’

Snoeien

In al die jaren is er nauwelijks iets veranderd op de buitenplaats. Eigenlijk is alleen de snijbloementuin verdwenen - heel veel werk en die boeketten waren niet meer nodig. Maar er blijft genoeg te doen. Van der Hengsts trots is de slangenmuur, met 250 meter de langste van Europa. Of eigenlijk het leifruit dat er langs groeit: peren, appels, pruimen en moerbei. De oudste bomen zijn meer dan 110 jaar oud en tachtig procent draagt nog altijd fruit. ,,Een kwestie van snoeien, dat is eigenlijk wel mijn specialiteit. Ik ben een van de weinige tuinbazen die dat nog onder de knie heeft.’’ Drie maal per jaar worden ze gesnoeid: in februari de wintersnoei, daarna de dunning in het voorjaar en vervolgens aan het begin van zomer de waterlot. ,,Je krijgt dan takken die recht omhoog groeien maar geen vrucht zullen dragen. Ze groeien heel snel en halen daarmee het voedsel weg voor de vruchten. Die snoei ik er daarom uit.’’

Het bijzondere aan de fruitbomen zijn de vormen: als waaiers langs de muur met de takken op precies dezelfde afstand, als dakjes - de zogeheten Duitse lantaarns, in een U-vorm of in de vorm van een O. ,,Dat begint als je als een klein stammetje plant. Jaar na jaar moet je ze snoeien en opbinden tot ze de vorm krijgen die je wilt. Echt heel leuk werk.’’

50 jaar

Dat ambachtelijke werk gaat hij de komende jaren overbrengen op zijn zoon Bas, die hem op 1 januari is opgevolgd als tuinbaas op de buitenplaats. Fred: ,,Ik wil hier de 50 jaar vol maken, maar ik zei tegen het bestuur: we moeten wel tijdig voor opvolging zorgen want ik heb toch zeker wel een paar jaar nodig om mijn opvolger goed in te werken.’’ Zelf noemde hij naam van zijn zoon en het bestuur vond dat een prima idee.

Bas moest er wel even over nadenken, zegt hij. Nieuw is de plek voor hem bepaald niet: hij is er geboren en woonde er tot zijn 21ste. De liefde voor het vak was al evenmin het punt, hij had al zeventien jaar een eigen hoveniersbedrijf. Maar dat zou hij dan moeten opgeven. ,,En altijd op één plek werken leek me ook een beetje saai. Maar het is natuurlijk wél heel mooi om het levenswerk van je vader voor te zetten op een van de mooiste en best bewaarde buitenplaatsen van Nederland.’’

Gerust hart

Het afgelopen jaar werkte hij al een paar dagen per week op de buitenplaats en sinds 1 januari helemaal. Vader Fred blijft nog drie dagen werken, in elk geval tot hij op 1 maart 2020 de halve eeuw vol maakt. ,,En misschien kan ik daarna ook nog wat betekenen, maar dat zien we tegen die tijd wel.’’

Belangrijk voordeel: hij kan lekker in de dienstwoning aan de Manpadslaan blijven. Bas blijft met zijn gezin in Velserbroek wonen en Fred moet er niet aan denken om ergens op een flatje zeven hoog te komen. Maar zo ver is het voorlopig nog niet. ,,Als ik over drie jaar weg ga, heeft Bas zijn draai hier gevonden en laat ik alles hier met een gerust hart achter.’’

Meer nieuws uit Haarlem

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.