Gebakken bijvangst met citroen

Peter Lodewijks

Omdat we rijk zijn zitten vissers met vis. En over een paar jaar gaan de zeemeeuwen in Maastricht wonen. En in Winterswijk, Emmen en Stadskanaal.

Dat komt omdat onze Europese regering in Brussel, mannen en vrouwen die nooit zeezout uit hun wenkbrauwen hoefden te plukken, heeft besloten dat alles wat vissers vangen aan land gebracht moet worden. De bijvangstwet als het ware.

Bijvangst is ook vis, op een enkele zeehond na en wat krabben. Maar het is vis waar wij aan wal onze neuzen voor ophalen, of vis van een maatje dat niet mag. Bijvangst gaat weer overboord. In het beste geval levend, maar vrijwel altijd dient bijvangst andere vissen in zee tot voer.

Wat heeft het met onze rijkdom te maken? Alles. We willen tong eten en kunnen het ons veroorloven, voor veel geld per kilo. Maar we blieven geen schol voor weinig en al helemaal geen schar zo goed als gratis. Vangst waar vissers geen stuiver voor krijgen, gaat terug in zee. Wilden wij er voor betalen, arm maar gelukkig, dan bestond bijvangst eigenlijk niet. Maar Brussel zegt dat het niet meer overboord mag, zonder erbij te zeggen wat er dan mee moet. Ik weet het. Leer mijn kinderen op de huishoudschool toch weer wat allemaal wel en niet kan met visjes in de pan.

En hoe zit het met de meeuwen die naar het oosten trekken om patat te eten en als het mee zit een kroket? Kom kijken op zee, als je mee mag. Nergens aan de horizon is land te zien en nergens een vogel te bekennen. Het net gaat uit. Nog niks te beleven. Maar dan, als het wordt opgehaald, dan zijn ze er. Met duizend en nog veel meer. De meeuwen. Ze hangen rond het schip tot de vangst verwerkt is. Ze eten alles wat terug overboord gaat, ze leven van de bijvangst. Is die er niet meer, dan moeten ze gaan overleven op het land waar mensen voedsel morsen.

Hoe nauw het luistert is goed te zien op en rond de Waddenzee. Garnalenvissers voeren meeuwen met bijvangst. Vissen ze niet, dan gaan de meeuwen wanhopig wormen zoeken in weilanden achter de dijken. Als garnalenvissers hun bijvangst naar de afslag moeten varen, gaan de meeuwen uit eten in de stad.

Mij best, maar die bijvangst? Garnalenvissers zelf weten van huis uit wat er mee kan en hoe geweldig eten het is. Alles wat meekomt met de garnalen kan er uitgesorteerd worden, voor de garnalen in de kookketel gaan. Spiering, kleine wijting en soms jonge haringen. Niet te redden. Dat wil zeggen, de harinkjes overleven de vangst niet en als ze dat wel zouden doen, dan nog worden ze allemaal opgegeten door duizend meeuwen achter het schip.

Geef ze dan liever aan mij. Een visser in Den Oever die zich ging specialiseren in de bereiding van bijvangst - ook een idee - leert lui die met hem mee gaan aan boord, om van krabbetjes en garnalen de beste soep te koken. Soep die we van de Fransen bisque moeten noemen. En hij snijdt van jonge haring de kopjes af, bakt ze en legt ze even in citroensap met wat suiker. Eet je ervan, dan weet je; meeuwen kunnen de boom in. Zo lekker, bijvangst.

Meer nieuws uit frontpage

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.