’Ik hou het nog wel even vol’

Frank de Wit was snel klaar tijdens de Olympische Spelen.© Foto ANP

Kees van Dalsem
Haarlem

Voor Frank de Wit (20) was 2016 een jaar om niet zo snel te vergeten. De judoka van het Haarlemse Kenamju brak definitief door bij de senioren met als hoogtepunt plaatsing voor de Olympische Spelen in Rio de Janeiro. In Brazilië lag hij er echter al in de eerste ronde uit, maar hij is er op gebrand om het de volgende keer beter te doen. ,,Ik blijf nog wel tot mijn dertigste judoën.’’ Een gesprek aan de hand van vijf steekwoorden.

Rio de Janeiro

,,Ik kwam een klein beetje in de problemen toen ik begin dit jaar een gebroken rib opliep tijdens een Grand Prix toernooi in Düsseldorf, maar plaatsing voor de Olympische Spelen is nooit in gevaar geweest. Voor mij was Rio het hoogtepunt van 2016. Ik ben er ook trots op dat ik de jongste Nederlandse mannelijke judoka ben die zich voor de Spelen geplaatst heeft. Dat het toernooi uiteindelijk slechts één ronde duurde was jammer, maar ik had een hele lastige loting tegen een Bulgaarse judoka waar ik nog nooit van gewonnen had. Hij was als derde geplaatst en ik stond niet bij de eerste acht. Al denk ik dat ik uiteindelijk niet veel onder deed voor de top zeven van de categorie tot 81 kilogram. In het topjudo is het verschil vaak heel klein. En ik ben pas twintig, ik ben nog niet zo ervaren als de andere judoka’s in mijn klasse. Toen ik net weer thuis was en naar de Heemskerkse kermis ging, had ik veel aanspraak, ook van mensen die ik niet ken.’’

Familie

,,Het was heel mooi dat mijn familie bij mijn wedstrijd in Brazilië aanwezig was. Mijn vader, moeder, zus en broer en zijn vriendin waren naar Rio gereisd. Ik heb altijd heel veel steun van hen gekregen in mijn carrière. Hoewel ik nu in Arnhem woon omdat ik op Papendal moet trainen, kom ik nog steeds elk weekend naar huis. In het begin was het wel wennen om alleen op mezelf te wonen in een vreemde stad, helemaal omdat ik thuis nooit zoveel hoefde te doen. Maar nu ben ik er wel aan gewend. En misschien is het wel goed om alleen te wonen, ik word er ook volwassener van.’’

Papendal

,,Ik vind het niet zo’n probleem om te moeten verhuizen naar de andere kant van het land. Als ik naar Friesland had moeten verhuizen om de beste judoka van de wereld te worden, dan had ik dat ook gedaan. Voor mij is er ook niet zoveel veranderd nu het topjudo in Nederland is gecentraliseerd is in Papendal. Ik heb nog dezelfde trainers als die ik had in Haarlem bij Kenamju. Het voordeel is dat ik kan judoën met de beste judoka’s van Nederland en dat we een eigen splinternieuwe judohal hebben. Daar kunnen we nu ook andere landen uitnodigen voor trainingsstages, waardoor de weerstand hoger is en we uiteindelijk beter worden.’’

Kapper

,,Ik kwam Dick Burger directeur van Buko tegen bij kapper Duinmeijer in Beverwijk. Althans, toen wist ik nog niet dat het Burger was, dat hoorde ik pas nadat hij weg was. Maar we raakten aan de praat en hij zei dat hij me zou gaan volgen. Na de Olympische Spelen kwamen we weer in contact en uiteindelijk is daar een sponsorcontract uit voortgevloeid. Ik ben heel blij met de ondersteuning van Buko tot 2020. Daardoor kan ik me de komende jaren helemaal op mijn sport richten en me optimaal voorbereiden op de volgende Spelen in Tokio.’’

2017

,,Mijn doel voor komend jaar is om een medaille te behalen op een groot toernooi. Afgelopen jaar ben ik iets te vaak net buiten de medailles gevallen, ik werd vier keer vijfde op een groot toernooi. In april is het EK in Polen en in augustus is het WK in Hongarije. Daarnaast wil ik wel een keer Nederlands kampioen bij de senioren worden. Ik heb al een paar jaar niet meegedaan aan het NK omdat het niet in mijn programma paste. Bovendien is het wel een keer leuk om weer in Nederland een wedstrijd te judoën. Ik heb dat al een paar jaar niet meer gedaan, hier heb je geen grote toernooien. De Olympische Spelen in Tokio is mijn volgende doel, maar daarna wil ik ook nog wel naar de volgende spelen in 2024. Ik vind het heel leuk om elke dag te trainen en naar wedstrijden toe te leven en te reizen over de hele wereld. Dat hou ik nog wel even vol, ik blijf tot mijn dertigste judoën.’’

Meer nieuws uit Sport Regionaal

Meest gelezen