‘Ik ben eigenlijk een juf zonder klas’

Marca Bultink: ,,Ik hoop dat we de kleinschaligheid een beetje behouden zodat we het verhaal kunnen blijven vertellen.’’© foto united photos/toussaint kluiters

Sjaak Smakman
Hillegom

Ik zou ook niet anders kunnen of willen, zegt Marca Bultink aan het einde van het gesprek. ,,Ik vind het nu eenmaal heel leuk om van alles te weten en aan anderen uit te leggen. Eigenlijk ben ik een juf zonder klas.’’

Al meer dan dertig jaar houdt de geboren en getogen Hillegomse zich intensief bezig met de cultuurhistorie van het gebied tussen Haarlem en Leiden, en dan vooral de Bollenstreek, en is daarbij uitgegroeid tot een autoriteit. Ze stond bijna aan de wieg van de Vrienden van Oud Hillegom - waarin ze nog altijd actief is - en was of is ook betrokken bij tal van andere clubs die zich met de geschiedenis van de streek en het bewaren daarvan bezighouden. Bij de afgelopen lintjesregen werd ze Lid in de Orde van Oranje Nassau. ,,Echt heel leuk’’, vindt ze die blijk van waardering.

Belangstelling voor geschiedenis heeft ze al van kindsbeen af aan. Als 6-jarige wilde ze al weten wat er dan wel bij Huize Bijgelegen had gelegen. Ze ging uiteindelijk Nederlands studeren ’maar misschien had ik beter voor geschiedenis kunnen kiezen’. Maar ook die studie loodste haar al richting de historie van de streek: haar scriptie over de dichter Bilderdijk bracht haar bij diens mecenas Johan Valckenaer, die op de buitenplaatsen Leeuwenhorst, Meer en Bosch in Heemstede en Huis te Bijweg in Bennebroek woonde. Bakker en verzetsman Frans Out gaf de aanzet tot haar eerste boek, toen hij haar in 1985 benaderde om mee te helpen bij een tentoonstelling uit zijn enorme fotoarchief. Er moeten wel bijschriften bij, anders weet niemand wat er op die foto’s nou eigenlijk te zien is, vond ze. De bijschriften leidden uiteindelijk tot haar eerste boek, dat ze samen met Out schreef.

Haar grote voorbeeld is Fons Hulkenberg, de Lissenaar die net als zij geen geschiedenis had gestudeerd maar vanuit zijn grenzeloze belangstelling talloze boeken over de historie van de streek heeft geschreven. Zijn autoriteit was onaantastbaar, maar tegelijkertijd was hij bescheiden. ,,Ik ben maar een beetje aan het grasduinen in de geschiedenis, moedigde hij me aan, er is nog genoeg om uit te zoeken. Ga dat doen.’’

Buitenplaatsen

Het ontstaan van de Bollenstreek is eigenlijk te danken aan de talloze buitenplaatsen die vanaf de Gouden Eeuw in de binnenduinrand werden gebouwd. Twee eeuwen floreerden ze, maar in de nasleep van de Franse revolutie kantelden de verhoudingen en veel eigenaren konden zich het kostbare onderhoud van hun landhuizen met alles wat daarbij hoorde aan tuinen en landerijen niet meer permitteren. Tegelijkertijd zakte de bollenteelt af vanuit Kennemerland en rukte die op vanuit Noordwijk. Veel tuinlieden die geen werk meer hadden, kozen voor een bestaan als bollenkweker.

Waar in gemeenten als Bloemendaal en Wassenaar het duinlandschap intact bleef, werd bovendien de Bollenstreek afgegraven. De families Wilson en Van Hardenbroek sloegen de handen ineen om hun buitenplaatsen Elsbroek en Veenenburg te gelde te gaan maken. Van Hardenbroek richtte in 1904 de kalkzandsteenfabriek op en daarnaast werd veel zand verkocht voor de uitbreidingswijken van omliggende steden. De hoge Veenenburgerlaan is dé weg die aangeeft hoeveel grond er is weggegraven. ,,Het was ooit een slingerpaadje in het duingebied tussen de toppen door, zodat je zo vlak mogelijk kon lopen’’, schetst Bultink. Het een versterkte het ander: de overgebleven zandvlakten bleken uitermate geschikt voor de bollenteelt in een tijd waarin de vraag naar bollengrond explodeerde. Zo ontstond het zo karakteristieke landschap van de Bollenstreek.

Succesjes

Dat landschap en het verhaal daar achter, daar vraagt ze onvermoeibaar aandacht voor. Succesjes zijn er zeker: de actiegroep Hou het Bloeiend leidde uiteindelijk tot het Pact van Teylingen, waarin de gemeenten afspraken om de hoeveelheid bollengrond in de streek te bewaken en te bewaren. En dat heeft uiteindelijk weer geleid tot de huidige Greenport Ontwikkelings Maatschappij (GOM), die als taak heeft de bollenteelt voor de streek te behouden en het landschap open te houden. Daarnaast is de voortgaande sloop van bollenschuren tot staan gebracht. ,,Twintig jaar begonnen we met het project Behoud en Herbestemming Bollenschuren op nul, nu zijn er 94 beschermd en vele met een andere functie. Het heeft echt een enorm effect gehad.’’ En inmiddels worden ook her en der weer de karakteristieke beukenhagen geplant - ooit als bescherming tegen het stuiven van zand neergezet maar grotendeels gerooid om ruimte te geven aan de steeds grotere landbouwmachines.

Bedreigingen zijn er ook. Ten eerste is er de verstedelijking. De druk vanuit het Amsterdamse om flink te bouwen in de Bollenstreek is onverminderd groot. Bultink vreest de komst van de Duinpolderweg, die samen met de Rijnlandroute bij Leiden zorgt voor een rondweg door de Bollenstreek. ,,Dat ze zich daar vanuit Amsterdam en Haarlemmermeer zo voor inzetten, zegt wel genoeg. Verstedelijking is de adder onder het gras bij de Duinpolderweg. Ik vind het ook vreemd dat die weg bij de discussie over de Omgevingsvisie 2030 helemaal niet aan de orde komt. Het is de olifant in de kamer waarover niet gepraat wordt.’’

Giethoorn

De tweede grote bedreiging is de schaalvergroting. ,,Enerzijds is dat nodig om de bollenteelt hier levensvatbaar te houden. Maar het leidt ook tot een herverkaveling waarbij veel oude waterlopen worden dichtgegooid en weer nieuwe sloten worden gegraven. Het karakteristieke oude landschap verdwijnt daarbij. Misschien is dat de prijs die we voor het behoud van de bollenteelt moeten betalen, maar ik hoop toch dat we de kleinschaligheid hier een beetje kunnen behouden. In de Noordoostpolder heb je ook bollenvelden, en in de Kop van Noord-Holland ook, maar nergens vind je zoals hier kleine veldjes met allemaal andere kleuren waar je ook nog eens gewoon tussendoor kunt fietsen.’’

,,Ik hoop dat we die kleinschaligheid enigszins kunnen behouden. Nee, het moet hier geen Giethoorn worden. Mijn visie is een werkgebied waarin respect is voor het landschap dat de afgelopen (twee) eeuwen is ontstaan. Dan blijft het interessant om naar de Bollenstreek te komen en kun je het verhaal over het landschap en de historie blijven vertellen. Ik ben er van overtuigd dat daar behoefte aan is: dat je mensen iets kunt laten zien en een verhaal kunt vertellen dat ze nog niet kennen.’’

Niet verbazingwekkend is dar Bultink mede om die reden een verklaard tegenstander is van bebouwing van de Zanderij. ,,En dan bedoel ik niet alleen de Zanderij van Six, die in 1722 werd gestart, maar van bebouwing van álle bollengronden op de strandwal.’’

Aan ophouden denkt Bultink voorlopig niet. Ze vindt het veel te leuk en belangrijk. En met haar kennis en een e-mailarchief van een kwart eeuw kan ze bestuurders keurig herinneren aan standpunten die hen misschien op dat moment even niet goed uit komen. En als ze denkt dat het tijd is dat de Vrienden van Oud Hillegom, het CultuurHistorisch Genootschap of wie dan ook van zich laten horen, dan zorgt ze dat dat ook gebeurt. ,,Ja, ik heb wel een beetje een horzelfunctie. Soms worden ze wel eens kierewiet van me, denk ik.’’

Dan, lachend: ,,Maar over het algemeen word ik dan toch wel vriendelijk bedankt.’’

Meer nieuws uit Haarlem

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.