Over de doden: Engel op aarde

HAARLEM - Zuster Ancilla 100 jaar. United Photos/Paul Vreeker© United Photos

Jacqueline Schadee

Midden in het hofje Codde en Van Beresteyn prijkt een blauw straatnaambord: ’Ancillaplein’ staat erop. Zuster Ancilla was twintig jaar de ’binnenmoeder’ van dit hofje aan de voet van de Kathedrale Basiliek Sint Bavo. Niet iedere binnenmoeder of conciërge krijgt een eigen bord, maar zuster Ancilla wel: ze was volgens velen een engel.

Dag en nacht ontfermt ze zich over de bewoonsters van het hofje, zo’n twintig dames van rond de tachtig. ’Wie in Gods tijd werkt, heeft geen dienstrooster’, is haar motto. Ancilla kan luisteren als geen ander en je het gevoel geven je helemaal te zien en te begrijpen. „Ik hou van iedereen. Ook van mezelf”, zegt ze daarover.

Zuster Ancilla wordt in 1914 in Brabant geboren als Ida Johanna Gerarda Maria van der Sandt. Ze wil het onderwijs in, maar haar vader is coupeur en kan de kweekschool niet betalen. Ida gaat naar Bergen, waar ze bij de zusters Ursulinen kosteloos een opleiding tot onderwijzeres kan volgen. Drie jaar later treedt Ida toe tot het klooster. Voortaan heet ze ’Ancilla’: ’dienares’ in het Latijn. Haar leven staat in het teken van dienstbaarheid aan God, wat voor haar betekent: aan mensen. Van 1934 tot 1961 werkt ze in verschillende internaten voor verstandelijk gehandicapten. In één daarvan slaapt ze op zaal met 26 jongens, met alleen een gordijntje om haar bed. Om half vijf staat ze op om iedereen op tijd uit bed, gewassen en aangekleed te krijgen. Voor haar ’brevier’, het gebedenboekje, heeft ze vaak geen tijd: „Als ik dood ben, moet ik dat in de hemel allemaal inhalen”, vertelt ze haar mede-zusters.

In 1967 staat zuster Ancilla in Heerhugowaard aan de wieg van het eerste gezinsvervangende tehuis in Noord-Holland. Het habijt, dat sinds dat jaar niet meer verplicht is, hangt ze als een van de eerste nonnen aan de wilgen.

Na haar pensionering in 1980 gaat Ancilla parochiewerk doen in de Haarlemse Leidsebuurt, maar ’haar’ jongens uit het tehuis en vele andere mensen die ze heeft ontmoet, vergeet ze niet. „Ze verstuurde wel drie of vier kaarten per week”, vertellen Carla en Charlotte, medebewoonsters van het hofje.

Ancilla’s honderdste verjaardag wordt uitgebreid gevierd in de Bavo-basiliek, met meer dan honderd bezoekers, onder wie de burgemeester.

Na een ongelukkige val raakt Ancilla besmet met een bacterie. Haar been moet worden afgezet en ze krijgt een rolstoel. Klagen doet ze nooit: „Ik heb alles aanvaard wat ik in het leven tegenkwam.”

De laatste jaren wordt zelfstandig wonen steeds lastiger voor Ancilla. Ondanks alle hulp van vooral Carla moet ze in januari 2016 weg uit het hofje en verhuist naar het klooster in Bergen. Ze is er niet gelukkig. Eind november belt Carla zoals iedere avond om haar welterusten te wensen. De volgende morgen wordt zuster Ancilla gevonden in haar stoel – slapend, voor altijd.

Meer nieuws uit Haarlem

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.