Top 10 wintersportgerechten

Apfelstrudel. Foto Dpd

Nanska van de Laar

Ik geef het eerlijk toe: ik kijk liever naar wintersport dan dat ik er zelf aan doe. Prachtig decor, die besneeuwde bergen en blauwe luchten. Daarom verheug ik me nu al op de Olympische Winterspelen in Sotsji op tv.

En natuurlijk op die al heerlijke wintersportgerechten die dan ter tafel zullen komen. Ik maak alvast een Top 10.

Om me heen zie ik steeds meer Alpengangers zenuwachtig worden. Ligt er voldoende sneeuw in ons skigebied? Hoe zit het met de files? Is mijn outfit compleet, zijn m’n ski’s gewaxt? Ga ik nog iets aan mijn conditie doen, ski-gym! En een paar kilo afvallen? Afvallen? Je gaat toch een week lang iedere dag sporten in de buitenlucht. Als je daar niet van afvalt! Niet dus.

Uit onderzoek blijkt dat wintersporters zich weliswaar heel gezond voelen, maar niet noemenswaardig gewicht verliezen tijdens hun actieve vakantie. Dat zou best eens iets te maken kunnen hebben met die calorierijke happen en dranken die ze langs de piste en na afloop eten en drinken. Een glas glühwein: 220 kcal; evenveel als wat je kwijt raakte bij een pittige afdaling van 15 minuten. Kop warme chocomel met slagroom, idem dito. Laat het de voorpret niet bederven. Hierbij mijn lijstje met populaire wintersportgerechten:

1. Wiener Schnitzel. Van die grote, met aardappelsalade en partjes citroen.

2. Zwitserse kaasfondue. Daar je stukjes stokbrood doorheen halen, na een intensief dagje op de piste!

3. Raclette, smeltkaas in de klem, bij de brander. Afschrapen en eten met plakken gekookte aardappel en augurkjes.

4. Flammenkuchen. Een dunne knapperige bodem, besmeerd met crème fraîche en bestrooid met gebakken spekjes en uienringen. Lekker als lunch, maar ook als après ski borrelhap te delen met vrienden.

5. Goulashsoep. Een pittige, goedgevulde vleessoep met paprika, die het koude bloed weer sneller door de aderen laat stromen.

6. Spaghetti bolognese. Niets zo lekker na fysieke inspanning als een goed bord pasta met een stevige saus.

7. Sauerkraut met bratwurst. Hoewel het zware kost lijkt, is zuurkool juist licht verteerbaar en daarom heel geschikt als lunchgerecht voor langlaufers en skifanaten. Die kunnen er zonder problemen weer even een paar uur tegenaan.

8. Bauernteller of -platte, in elke berghut te bestellen. Een rustieke plank, overladen met streekspecialiteiten, zoals gerookte ham, speck, Jagtwurst, kaas uit de omgeving, zure augurkjes, cream cheese met bieslook, boerenbrood en Alpenboter.

9. Apfelstrudel met vanille soße. Een wintersport zonder is ondenkbaar.

10. Kaiserschmarrn (zie recept). Een superluchtige, behoorlijk vullende pannenkoek, in stukjes getrokken. Smarnn betekent rommeltje. Maar dan wel een onweerstaanbaar lekker rommeltje!

Recept: Kaiserschmarrn

Benodigdheden (lunchgerecht voor 4 pers): 50 gr rozijnen; 4 el rum (of appelsap); 4 verse eieren; 130 gr bloem; 1,25 dl melk; 3 el kristalsuiker; 1 zakje vanillesuiker (8 gr); mespunt zout; mespunt kaneel; 100 gr roomboter; poedersuiker om te bestuiven; 4 el appel- of pruimencompote.

Bereidingswijze: wel rozijnen in rum, laat uitlekken en dep droog met keukenpapier. Split eieren, doe dooiers in schaal en eiwitten in mengkom van keukenmachine. Roer dooiers los met vanillesuiker, melk, 2 el suiker, zout en kaneel. Voeg gezeefde bloem toe, meng tot glad beslag. Dek af, laat 15 min rusten. Sla eiwitten stijf in keukenmachine of met mixer, voeg zodra mengsel wit kleurt, rest van suiker toe. Mix tot pieken blijven staan. Meng eiwitschuim voorzichtig door beslag met rubberen spatel. Niet roeren, maar omscheppende bewegingen maken, beslag moet luchtig blijven.

Laat koekenpan heet worden, voeg 1/4 van boter toe. Voeg zodra boter gesmolten is helft van beslag toe. Pannenkoek mag wel 1 cm dik zijn. Draai vuur laag, laat in ca. 4 min onderkant goudbruin bakken. Strooi halverwege baktijd rozijnen over oppervlak en laat in beslag zakken. Af en toe kleur checken door pannenkoek op te lichten met paletmes. Draai pannenkoek als volgt om: Groot bord op koekenpan, hand erop, pan met bord samen omdraaien. Koekenpan terug op vuur, klontje boter erin en pannenkoek op ongebakken kant in pan laten glijden. Bak goudbruin. Trek pannenkoek met 2 vorken in stukken van ca. 2 cm. Bewaar op warm bord. Bak rest van beslag op zelfde manier. Voeg op laatst alle stukken samen in koekenpan. Bestrooi met poedersuiker en bak al omschuddend nog even zodat suiker rond stukjes Kaisersmarrn kan karamelliseren. Verdeel over borden, bestrooi met poedersuiker. Schep compote van pruimen of groene appel erbij. Lekker met glas koude melk of kop thee.

Variatie: roer in plaats van kaneel wat geraspte citroenschil door beslag. Voeg tijdens karamelliseren 1 el amandelschaafsel toe.

Meer nieuws uit frontpage

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.