Willem Henze is altijd bereid te helpen

Richard Walraven
Zwanenburg

Er rolt een gulle lach door de woonkamer in de Zwanenburgse Iepenlaan. Willem Henze zit op zijn praatstoel. Sigaartje in de hand, niet verlegen om woorden. De 63-jarige instructeur eerstehulpverlening praat over dertig jaar vrijwilligerswerk voor Rode Kruis en EHBO. Hoe je dat dertig jaar volhoudt? Voor Henze is het simpel. Met een lach op zijn tijd. ,,Want het moet leuk zijn. Zonder plezier wordt het nooit wat.’’

In de woonkamer staat pontificaal een tafeltje op wielen. Op het blad liggen medailles en onderscheidingen. Blijken van eer van de gemeente Haarlemmermeer, het Rode Kruis, de EHBO en niet te vergeten de voormalige koningin. Henze is er trots op.

De koninklijke onderscheiding draagt hij altijd. ,,Voor het lintje is de burgemeester destijds apart naar het Rode Kruisgebouw gekomen om het uit naam van de (toen nog, red.) koningin op te spelden. Dan voel je je heel bijzonder. Elke medaille is een blijk van waardering, maar dat de burgemeester speciaal naar je toekomt, geeft het nog een meerwaarde.’’

Afgelopen week kwam Theo Weterings opnieuw onverwacht op bezoek. Ditmaal om de gemeentelijke erespeld aan de revers van zijn jasje te bevestigen. ,,Ik begin de burgemeester al aardig te kennen. Hij zegt al Willem tegen me’’, aldus Henze. Opnieuw een vrolijke lach, maar om dan ernstig te vervolgen. ,,Nee, ik zeg nog geen Theo tegen de burgemeester.’’ Verschil moet er zijn blijkbaar.

Vlucht

Het begon allemaal als een vlucht, zegt Henze. ,,Vanwege broederdienst was ik vrijgesteld van militaire dienst, maar ik moest wel dienen voor de BB, bescherming burgerbevolking. Maar als bedrijfshulpverlener kreeg je daar vrijstelling voor. Dus toen heb ik dat diploma bij de PTT maar gehaald.’’

Hij kreeg de smaak vervolgens snel te pakken. Bij de PTT deden we wedstrijden tegen andere bedrijven in de hulpverlening. Dat vond ik wel leuk. Waarom? Het is toch mooi dat je een ander kunt helpen?’’ Zijn vrouw Nel vult trots aan: ,,Als er iets gebeurt, dan raakt Willem nooit in paniek. Blijft-ie gewoon rustig.’’

Tsunami

Henze volgde de instructeuropleiding, werd rayonleider van de EHBO-docenten in het gebied Amsterdam-Haarlem en werd instructeur gewondenzorg bij de rampenhulp van het Rode Kruis. De Zwanenburger draafde overal op. Bij kleine gebeurtenissen als de plaatselijke wielerronde, de avondvierdaagse, de Kennedymars of de plaatselijke feestweek, maar ook bij grote rampen droeg hij zijn steentje bij.

De Cindu-brand in Uithoorn, de opvang van gestrande passagiers op Schiphol na ’Nine-eleven’, de ramp met Turkish Airlines en de tsunami in Zuidoost Azie.

,,We moesten op Schiphol de Nederlanders die terugkwamen uit dat gebied opvangen. Dat is wel het zwaarste wat ik heb meegemaakt. Ik kan me herinneren dat er een vader terugkwam met het kistje van zijn overleden kindje. Heel bizar. Mensen in korte broek, want ze hadden niets meer, die hier in de winter aankwamen. Schiphol had het goed geregeld. We konden er voor zorgen dat de mensen eerst herenigd werden met hun familie en dat ze even konden bijkomen. Dat ze bij ons hun verhaal konden doen voor ze weer terug naar huis gingen.’’

Dankbaar

Dankbaar werk, vindt Henze er van. ,,Dat is natuurlijk ook je motivatie. Mensen die je helpt zijn vaak dankbaar voor je hulp. Dat de mensen die van alles hebben meegemaakt zich weer even mens kunnen voelen.’’

Voor de Zwanenburger is dat verleden tijd. Wel vangt hij nog hulpverleners op die het na hun werk even moeilijk hebben.

,,Het is vooral luisteren en uitleggen wat ze te wachten staat bij sommige belevenissen. Soms moet je iemand doorverwijzen naar een expert, maar meestal is het voldoende om iemand gewoon zijn verhaal te laten doen. Soms wel zeven keer achter elkaar hetzelfde verhaal. Geeft niet, ik heb geduld. Want praten helpt mensen om dingen een plaats te geven. Dat moet want vergeten lukt nooit. Ik zeg altijd: Het is als een kastje waarvan het deurtje weer dicht moet. De ellende opbergen.’’

Nuchter

Zelf heeft Henze geen last van trauma’s. ,,Eigenlijk heb ik het nooit zo moeilijk gehad. Van mijn opleidingen weet ik wat me te wachten staat, dat scheelt. En ik kan het, denk ik, goed relativeren. Toen een buurman overleed en ik er bijgeroepen was om te reanimeren bijvoorbeeld. Ik kende de man waarbij de reanimatie niet lukte, maar dat kan ik gelukkig wel scheiden. De dood is het einde van het leven, dat is gewoon zo. Het hoort erbij. Ik kan best geëmotioneerd zijn, maar daar ben ik dan weer nuchter in.’’

Maar zelf wil Henze nog niet aan de dood denken. ,,Ik hoop nog jaren rond te huppelen. En mensen te helpen. Ze mogen me altijd roepen als ze hulp nodig hebben. Dan kom ik gewoon. Maar niet midden in de nacht als er een lampje stuk is hè. Dat doe ik alleen overdag.’’

Want de Zwanenburger die ooit voorop ging in de strijd voor het behoud van de plaatselijke mavo, helpt op meer fronten. Hij helpt ook bij activiteiten om alleenstaande ouderen een leuke dag te bezorgen. ,,Dan ben ik ook spreekstalmeester, want ik kan niet alleen goed luisteren, ik kan ook lekker praten. Dat is heel leuk om te doen hoor. Want als ik een ander een plezier kan doen, dan voel ik me goed.’’

Meer nieuws uit HD

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.