Cornelis krijgt zijn gezicht

Archeoloog en fysisch antropoloog Maja d'Hollosy werkt in haar atelier aan het bijna zeshonderd jaar oude gezicht. © Foto Richard Stekelenburg

De in 2012 opgegraven schedel van Cornelis. © Foto RS

Hoe Cornelis er uitzag, is vanaf half oktober in het Archeologisch Museum Haarlem te zien.

Langzaam keert het gezicht terug.© Foto Maja d'Hollosy

1 / 4
Richard Stekelenburg
Haarlem/Amsterdam

Langzaam maar zeker krijgt Cornelis zijn gezicht terug. Als één van de begin 2012 op de Botermarkt opgegraven middeleeuwse skeletten ligt hij nu al anderhalf jaar in een glazen kist in het Archeologisch Museum Haarlem aan de Grote Markt.

Vanaf half oktober zal hij er als ’meneer van vlees en bloed’ staan. Als middelpunt van een nieuwe tentoonstelling én vanwege het zilveren jubileum van Haarlems ’leukste museum onder de grond’.

Archeoloog en fysisch antropoloog Maja d'Hollosy werkt in haar Amsterdamse atelier nu twee maanden aan het gezicht van Cornelis, zoals deze Haarlemse middeleeuwer inmiddels is gedoopt. Het is nauwgezet klusje; D’Hollosy geldt als een van de grote experts op dit gebied in Nederland. Ze maakte ook de reconstructies die te zien zijn in het begin vorig jaar geopende archeologiecentrum Huis van Hilde in Castricum.

Aan de hand van uitgebreide tabellen over gemiddelde weefseldiktes in het gelaat van een 35- tot 45-jarige Europese man bekleedt D’Hollosy met klei het afgietsel dat van Cornelis’ schedel is gemaakt. ,,Bij Chinezen zijn die waarden weer net iets anders’’, vertelt ze. ,,Door de jaren heen zullen die waarden trouwens ook veranderen. In Noord-Europa zijn we over het algemeen genomen nu wel een beetje dikker. Ook daar hou ik rekening mee.’’

Elke schedel is uniek, weet D’Hollosy. Elke uitkomst van een reconstructie dus ook. Zoals elk mens uniek is. Of Cornelis er bijna 600 jaar geleden helemaal precies zo zal hebben uitgezien als de uitkomst van haar werk straks, is de vraag. De kleur van de ogen blijft een gok. Dat geldt ook voor het haar.

Gelijkenis

Door de toepassing van gezichtsreconstructies bij politieopsporing weten we inmiddels echter hoe gelijkend de uitkomst kan zijn. Zo werd het vermoorde Meisje van Nulde dankzij een dergelijke reconstructie in 2001 uiteindelijk herkent als de vierjarige Rowena Rikkers. En inmiddels zijn de technieken alweer een stuk verfijnder.

,,De huidskleur is bij reconstructies als deze meestal een kwestie van overleg. Wil de opdrachtgever iemand uitgebeeld in de winter of in de zomer? Vaak wordt gekozen voor de zomer, dat scheelt in de kosten voor de kleding. Dan maak ik het gezicht wat bruiner.’’

Bij de aanleg van ondergrondse vuilcontainers kwamen in 2012 op de Botermarkt, Donkere Begijnhof en Nieuwe Kerksplein tientallen middeleeuwse skeletten aan de oppervlakte. Na uitgebreid onderzoek zijn de meesten herbegraven op de begraafplaats aan de Kleverlaan. Cornelis bleef achter.

Al direct na de opgravingen speelde stadsarcheologe Anja van Zalinge met het idee een reconstructie te laten maken. Maar een paar van de skeletten leende zich daar ook voor. Ze waren immers lang niet allemaal compleet, en hadden lang niet allemaal een redelijk gave schedel met vol gebit. Van Zalinge: ,,We hadden een man, een vrouw en een kind. In de toekomst zou ik natuurlijk graag ook een reconstructie van de vrouw en het kind willen. Dat maakt het plaatje compleet. Maar daar is geld voor nodig. Ik ben wat dat betreft afhankelijk van sponsors.’’

Dat hij de man de naam Cornelis kreeg, is niet toevallig. Cornelis is naast Jan de meest voorkomende naam in 15e-eeuwse Haarlemse archieven.

Het onderzoek maakte duidelijk dat Cornelis in de eerste helft van de 15e eeuw leefde en tussen de 35 en 45 jaar oud werd. Slijtage op zijn botten - vooral aan zijn rechterschouder - wijzen op zware arbeid. Hij had een tekort aan vitaminen en mineralen, maar dat gold voor alle onder de Botermarkt gevonden skeletten, die immers op de begraafplaats van het Sint Gangolfs Hospitaal lagen. Ziek, dat waren ze allemaal.

Meer nieuws uit Haarlem

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.