De symboliek was prachtig. Theo Mulder schiep uit Franse kalksteen een beeld van 'Noach met de duif' aan de rand van een nieuwe woonwijk in de Slachthuisbuurt waar bewoners begin jaren zestig van de vorige eeuw aan een nieuw leven begonnen. De duif toonde - zo wil het Bijbelverhaal - met de verse olijftak in zijn snavel aan dat de aarde weer bewoonbaar was geworden na de vernietigende zondvloed.
Een halve eeuw na plaatsing van het beeld zijn de eerste huizenblokken aan de zuidstrook gesloopt. De Slachthuisbuurt wordt ingrijpend gerenoveerd. Noach gaat nog altijd op zijn knieën in het parkje, al vijftig jaar blij en dankbaar dat de stevige vogel hem het goede nieuws komt brengen. Inmiddels in alle eenzaamheid.
Of de toekomstige bewoners van de geplande nieuwbouw - een mix van sociale woningbouw en duurdere huizen - nog in zijn vreugde mogen delen is de vraag. Het parkje mag groen blijven zo lang zich geen partijen bij de gemeente melden die bouwplannen hebben voor dit stukje groen. De wijkraad van de Slachthuisbuurt heeft niet kunnen voorkomen dat het puntje groen mogelijk geofferd wordt, maar berust in de wetenschap dat het zo'n vaart niet zal lopen. In deze tijd van economische recessie is er vast geen hond te vinden die dit stukje land te gelde wil maken. Hooguit dat een hond hier zijn plasje wil doen. Noach en zijn duif zijn wel vogelvrij. Voor een vogel geen bezwaar.
Mocht de adviescommissie Kunst in de Openbare Ruimte (Kior) dit innemende beeld van Theo Mulder een betere plek toedichten dan zou dat toch in een kinderrijke buurt moeten zijn. Zo had het bestuur van R.K. Woningbouwvereniging St. Bavo het bedoeld. Of misschien voor de deur van een financiële instelling die het water tot de lippen staat.
wilma klaver
