HAARLEM/AMSTERDAM - Gebiedsontwikkelaar Chipshol heeft bij de hoofdofficier van justitie in Amsterdam aangifte wegens meineed gedaan tegen opnieuw vier rechters. Behalve drie Haarlemse rechters bevindt zich ook de president van de Haagse rechtbank, Frits Bakker, onder degenen die door Chipshol worden beticht van leugenachtige verklaringen.
Kern van de aangifte vormen de tegenstrijdige verklaringen die de rechters in juni van dit jaar hebben afgelegd in een voorlopig getuigenverhoor bij het Gerechtshof in Amsterdam. De rechters werden daar gehoord over de redenen waarom drie rechters kort voor een vonnis in 2007 werden vervangen. De drie nieuwe rechters zouden volgens Chipshol vervolgens een veel te lage schadevergoeding hebben toegekend. Tevens zouden zij ten onrechte een partijdige schadebeoordelaar hebben ingeschakeld.
Volgens Chipshol hebben de rechters niet de waarheid gesproken over de oorzaak van de rechterroulatie in Haarlem. In de aangifte moet vooral rechter Douwe Ruitinga het ontgelden. Hij heeft volgens de aangifte verzwegen dat zijn ouders vaker zaken hebben gedaan met één van de betrokkenen in het conflict, de agrariër Groenenberg, naamgever van het omstreden Groenenberg-terrein bij Badhoevedorp. Dat was volgens Ruitinga tijdens zijn verhoor slechts eenmaal voorgekomen, in de jaren zeventig.
Chipshol stelt echter dat de ouders van Ruitinga in 1985 en 1989 nogmaals grond hebben verkocht, voor een bedrag van destijds 974.000 gulden, thans circa 450.000 euro. Groenenberg verkocht de grond kort daarna voor het vijfvoudige door aan Chipshol. De gebiedsontwikkelaar stelt dat rechter Ruitinga zich had moeten verschonen en die grondverkoop in het voorlopig getuigenverhoor had moeten melden.
Chipshol, dat overhoop ligt met de luchthaven Schiphol en de overheid, vermoedt dat de rechtbank opzettelijk van samenstelling is gewijzigd om te voorkomen dat aan de gebiedsontwikkelaar een grote schadevergoeding zou worden uitgekeerd.
Eerder in dit langlopende conflict kwamen de rollen van de (voormalige) rechters Hans Westenberg en Pieter Kalbfleisch al aan het licht. Kalbfleisch moest daardoor vervroegd terugtreden als president-directeur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa). Tegen beiden lopen gerechtelijke vooronderzoeken wegens meineed.
Volgende week wordt de hoogste justitieambtenaar, secretaris-generaal Joris Demmink, in een voorlopig getuigenverhoor door Chipshol aan de tand gevoeld. bemoeienis van hogerhand.
