HAARLEM - Ruim een half jaar geleden, op een stralende zomerdag, liep ik met mijn hond door een plantsoen in de buurt van Schoterhof. Net om de hoek, in de voortuin van een appartementencomplex, stond een slanke man van een jaar of 60. Hij droeg een oranje t-shirt en een zandkleurige korte broek.
We hadden oogcontact. „Goedemiddag” zei ik vriendelijk. Hij deed een stap naar voren en zonder verdere inleiding zei hij „Mag ik u een hele vreemde vraag stellen?” „Ja hoor!” riep ik en liep, enigszins op m’n hoede, naar hem toe. „Nou...” zei de man „ik heb net m’n fiets staan maken en kijk...”. Hij stak ter illustratie zijn beide handen omhoog.
Al z’n vingers waren pikzwart van het smeer. „En nu is de voordeur dichtgevallen en m’n sleutels zitten in m’n broekzak. En ik ga natuurlijk niet met die vieze klauwen aan m’n broek zitten!” U voelt hem misschien al aankomen; mij werd vriendelijk verzocht de sleutels uit z’n linker broekzak te vissen.
Een beetje genant vond ik dat natuurlijk wel, maar de man leek volkomen te goeder trouw.
Bovendien had ik de hond bij me en die geeft me toch altijd een, zij het geheel misplaatst, gevoel van veiligheid. Ik deed dus maar net of ik gek was en stak behoedzaam een hand in zijn broekzak.
M’n eerste vangst bestond uit een telefoon en een huisvuilpasje. Ik moest dus nog een tweede keer een graai doen, wat dieper dit maal. Gelukkig had ik toen de sleutels beet. Opgelucht overhandigde ik ze aan de man en stopte bereidwillig de andere spullen terug in zijn zak.
Ik had m’n goede daad voor die dag weer verricht: de man toonde zich dankbaar en ik heb de rest van de wandeling inwendig lopen gniffelen.
Anita van Drunen
Heeft u ook een 60 seconden die u wilt insturen?
Mail deze dan naar internetredactie@hdcmedia.nl onder vermelding van '60 seconden Haarlem eo'. De leukste, mooiste, meest opmerkelijke bijdragen worden op de website geplaatst.
